Archief van september, 2009

Sep
30
Opgeslagen als hoofdgerecht, pasta, recepten 2009, vlees door Mark op 30 september 2009

"Je bent wát van plan?"

 Ik kijk mijn vrouw aan, en probeer met een zo strak mogelijk gezicht te antwoorden. "Bolognesesaus. Hoezo?"
 
Natuurlijk weet ik dan al wel dat simpelweg ‘bolognesesaus’ een understatement van jewelste is. De absurditeit van de claim, en het net doen alsof ik morgen niet ga beginnen aan een van de meest uitgebreide recepten die ik ooit heb gemaakt, zorgt er uiteindelijk dan ook voor dat een brede glimlach verschijnt.
 
"Weet je nog dat ik vertelde van Heston Blumenthal? Die Engelse kok, die in dat programma van de BBC op zoek was naar de meest ultieme versie van een aantal recepten? Nou, die heeft ook poging gedaan om bolognesesaus te maken, en toen ik dat las, wilde ik echt weten of dat nu zo bijzonder is. Ik bedoel, Thaise vissaus in een Italiaans gerecht, dat verzín je toch niet?"
 
En dus stond ik de dag erna in de keuken. Voor me lag anderhalve kilo uien, klaar om gesneden te worden. En 2 kilo tomaten. Verder nog wortels, bleekselderij en vlees. Zo op het eerste gezicht niet erg bijzonder. Hooguit de hoeveelheden zijn wat groter dan anders, maar dat heeft dan meteen als voordeel dat het voor meerdere keren avondeten is. Leve de diepvries.
 
Nee, wat het bijzonder maakt zijn de bijkomende ingrediënten.
 
Steranijs, Thaise vissaus. Ossenstaart. En veel, heel veel olijfolie.
 
Oh ja, en tijd. Niet zozeer een tastbaar ingrediënt, alleen wel enorm van invloed op het hele recept. En dat komt om dat alles urenlang moet sudderen, stoven en inkoken.
 
Niet langer dralen, dus, maar aan de slag!
 
Uien snipperen, en met wat olijfolie en steranijs laten carameliseren. 20 minuten. Soffrito maken, van nog meer ui, bleekselderij en wortel. Wederom 20 minuten.
 
Tot zover nog niet zo raar.
 
Dan de ossenstaart ontbenen. Een karweitje, dat ik duidelijk zwáár onderschat had! Ik dacht hiermee in een paar minuten klaar te zijn. Scherp mes, en húp, dat vlees van het bot af. Hoe moeilijk kan het wezen? Nou, verdraaid moeilijk, zo bleek. Het vlees is taai, glad, en zit vol met botjes en pezen. Het harde vliesje om het vlees helpt ook al niet echt, om het vlotjes te ontbenen. Dus toen ik uiteindelijk na bijna een uur ploeteren de 3 stukken staart had ontdaan van vlees, en ik een kleine 450 gram in een kom deed, voelde dat toch als een kleine bevrijding. De volgende keer zal ik mijn slager toch maar eens vriendelijk vragen dit op zich te nemen.
 
Conform het recept vermaalde ik het ossenstaartvlees niet, maar sneed het in kleine stukjes. De varkenslappen die ik had, heb ik wel in de Porkert gedraaid, zodat ik een mengsel had, van gehakt en gesneden vlees. Pan heet maken, olijfolie erin, en bakken van het vlees. Van belang is hierbij dat het vlees bakt, en niet kookt in zijn eigen vocht. Gelukkig gebeurde dat ook wel, mede omdat ik het gehakt zelf gedraaid had, en geen winkelgehakt gebruikte, waar meestal door het vriendelijke vleesbedrijf nog een aardige plens water aan is toegevoegd, dat er eerst uit moet. Nu bakt het vlees meteen, en vooral de geur van de ossenstaart viel op. Een krachtige, eigen geur, en ik snapte ook meteen waarom Heston dit gebruikt: het geeft smaak!

Hierna waren de tomaten aan de beurt. Er lagen 2 kilo tomaten op me te wachten. Deels uit de winkel (zo’n 500 gram) en deels uit eigen tuin. Klaar om gepeld, gesneden en gekookt te worden. En met 2 kilo tomaten ben je wel even zoet, natuurlijk. Ik moet eerlijk zeggen dat ik de volgende keer gewoon gepelde tomaten uit blik zou gebruiken. Net zo lekker, alleen in een paar seconden klaar, en niet in een uur of zo.
 
Maar goed, eenmaal gepeld, en ontdaan van de zaadlijsten, worden de tomaten opgezet, met allerlei kruiden, (knoflook, laurier, koriander, tijm, kruidnagel) en andere toevoegingen (vissaus, tabasco, ketchup en wijnazijn). En dan mag dat sudderen. Uurtje of 2 minimaal. Zodat de tomaten helemaal stukgekookt zijn, en de smaak goed is doortrokken van de kruiden.

En dan is het een kwestie van combineren van de onderdelen: de ui, het vlees, en de tomatensaus. Alleen is die in deze fase nog wel erg nat, en moet de saus nog opgebakken en ingekookt worden. Nóg meer wachten dus.

Ik begon om 10:30 die ochtend met de uien, en aan het einde van het recept, moest ik toch nog mijn best doen, om om 18:30 een bord pasta met saus op tafel te zetten. En dan kan Heston wel zeggen "Makkelijk te maken, eenmaal op het vuur heb je er geen omkijken meer naar", maar dat ben ik dan toch niet helemaal met hem eens. Want in de tijd dat de ui moet carameliseren moet je de soffrito voorsnijden. En als die aan het bakken is, ben je bezig met het vlees, en als dat dan weer in een hete pan ligt, moeten de tomaten gepeld worden, en dan combineren en weer inkoken.
 
Echt, mijn vrouw heeft die dag volgens mij een paar keer gedacht dat er bij mij een steekje los zit, om dit soort fratsen uit te halen.
 
Maar goed, dat bord pasta met saus stond dus uiteindelijk op tafel. Om naast deze saus ook nog zelf verse pasta te draaien, is helaas niet gelukt. Dus gebruikte ik gedroogde, kant&klare. Geen spaghetti uiteraard, want dat is volgens de Italianen ‘not done’. Nee, ik nam gewoon een lekkere, geinige pasta van De Cecco, die we nog hadden staan.
 
En het eindoordeel van de jury? Een volle, zoete smaak, waarbij de ossenstaart erg lekker was, de steranijs een frisse component leverde, de vissaus als zodanig niet te proeven is, maar ook een saus waar erg veel werk in gaat zitten, maar die naar mijn bescheiden mening meer tijd en moeite kost, dan het resultaat waard is. Maar dat neemt niet weg dat ik het erg leuk vond om te maken, de saus erg lekker vond, en een oud voornemen hiermee ook heb ingelost: de bolognese saus van Heston heb ik toch maar mooi gemaakt.
 
Het recept als zodanig is erg lang. Je kunt het origineel hier vinden. Wel in het engels, maar dat zal denk ik niet voor veel problemen zorgen. Een verslag van een andere ‘kookgek’ vind je op het bijzonder leuke blog van Kok Robin (ook bekend van de uiterst handige Tokowijzer!).



Sep
02
Opgeslagen als En dan dit..., Overig, oven door Mark op 2 september 2009

Het is wonderlijk: je begint met een zakje, met wat zwarte, witte, gespikkelde, ronde, platte dan wel miniscule zaadjes, wat pootgrond en wat warmte. En dan, enkele maanden later, heb je wortel, aardappel, tomaat, pepertjes en meer courgette dan een normaal mens in een week kan verorberen. En het leuke is: alles is biologisch, ultravers, kost geen snars, en qua foodmiles zit je ook nog eens helemaal top, want het groeit gewoon in je achtertuin. 10, misschien 15 meter, als je ook nog een rondje over de glijbaan vandce kinderen maakt, moet je ervoor afleggen. Dus laat maar komen, dat EKO-keur!

Ik stak begin dit jaar 4 aardappelen in de grond. Geen idee welk ras, maar een rode schil-aardappel. Ze hadden eerst 3 weken in de bijkeuken gestaan, om te ontkiemen, en mochten daarna hun uitlopers uitwerpen in de achtertuin. Ik verbaasde me er halverwege nog over dat er erg weinig bloemetjes aan de planten kwamen, aangezien de aardappelvelden die ik wel eens zie, meestal toch een flink aantal witte bloemetjes laten zien. Maar goed, gewapend met 0 verstand van aardappel nam ik dat gegeven voor waar aan, en hield me bezig met andere zaken. Maar, ook in het leven van de aardappelplant, komt een moment dat je moet oogsten wat je gezaaid, of in dit geval gepoot, hebt. De 4 planten waren aardig groot geworden, en samen met mijn dochter begon ik te rooien (wat wel weer grappig is: rode aardappels rooien. ;-) ). Het kinderlijk plezier van zowel papa als dochter was eigenlijk al beloning genoeg. Het schept een vreemd soort genoegen om iets uit de grond te halen wat een normaal mens gewoon in een zak in de supermarkt koopt.

Uiteindelijk haalden we ruim 3,5 kilo aardappel uit de grond. Geen slecht oogst, gezien de investering in 4 aardappel, á €0,28…

We hebben ze gekookt, geroosterd en gefrituurd gegeten. Lekker! Leuk! Doen we volgend jaar in elk geval weer.

In tegenstelling tot de wortels. Ik bedoel, leuk dat je wortels in je tuin hebt. Maar de opbrengst is nou ook weer niet dusdanig, dat ik de moeite die je er in steekt kan verantwoorden. Een schamele 650 gram kwam er uit de grond. Maar misschien waren we ook wel wat te snel met oogsten. Dessalniettemin: geen wortel meer in de moestuin!

Tomaat daarentegen is een ‘gift that keeps on giving’! 4 planten hebben we, elk in een flinke pot. Het komt wat langzaam op gang, ja maar dan, ja maar dan!

Dan heb je ineens 2,5 kilo tomaten, uit eigen tuin, op je aanrecht liggen. Er is niet veel fantasie voor nodig, om te bedenken dat we daar een pasta-saus mee gemaakt hebben. Weliswaar niet zomaar een pastasaus, maar de pastasaus van Heston Blumenthal. Waarover later meer.

 

En had ik al verteld van die courgettes? ;-)

Die ene plant die we hebben, heeft een omvang van 2 meter bij 1 meter, en als we hem niet wat gekortwiekt hadden, zou hij nóg groter zijn geworden! Wekelijks komen daar meerdere vruchten vanaf, en wekelijks verzinnen we dan ook wel een gerecht wara ze in verdwijnen. In pastasaus, op de pizza (met dank aan Maaike voor die tip!), in de nasi (courgette is ook groente, dus waarom niet?) of gegrild, met wat zout/peper/olijfolie.

Als je de kosten/baten analyse uitvoert, is dat eigenlijk nog de beste investering geweest. Één zaadje, van 10, uit een zakje van anderhalve euro. 15 cent investeren dus, en een zomer lang oogsten. Ik schat dat we er zeker een stuk of 30 hebben gehad, misschien wel meer. En ze zijn nog lekker ook!

De courgette gaat dus in elk geval door naar de volgende ronde.

Evenals de komkommer, trouwens. Want ook die levert nog steeds regelmatig een lekker dikke vrucht af. En daarbij: volgend jaar wil ik zelfgekweekte augurken inmaken! Dus dat was snel besloten.

Dan waren er ook nog spaanse pepers. In het begin vreesden we voor het leven van het kleine plantje, en waren we bang dat hij het door de te lage temperatuur niet zou redden. G

elukkig brak de zomer in alle hevigheid los, en schoot de buitentemperatuur, en het aantal zon-uren, zover omhoog, dat daar ook al de eerste oogst heeft plaatsgevonden. "165 dagen van zaadje tot vrucht", stond op de verpakking. Een klein half jaar dus. En dat klopt wel, want het zaaien deden we in maart, en eind augustus dus de eerste pepertjes, die inmiddels in de keuken te drogen hangen. Want dat gaat heel makkelijk: je knoopt een touwtje om het steeltje, en hangt ze op een droge, warme plek. En dan wacht je. Twee, drie weken. Dan zijn ze wel droog. In een pot met deksel zijn ze dan lekker lang houdbaar. Maanden, misschien wel langer. 

"En die wilde aardbei?" hoor ik zachtjes…

Nou, die roze schuimpjes met chemische aardbeien-smaak. Volgens mij krijgen die dingen hun smaak van de wilde aardbei! Want ze smaken precies zó! Bee

tje fris-zuur, zoet, en net ze roze als ze eruitzien. De kinderen vinden ze lekker, maar de opbrengst van de plant is maar zeer beperkt. Enkele tientallen vruchtjes. Dus die zien we helaas niet terug, in een volgende ronde.

Conclusie: erg leuk om eens te doen! Heel leerzaam, en vooral ook voor de kinderen. Samen even de tuin in, een aardbeitje plukken, courgette voor bij de pasta, of aardappels opgraven is erg lollig, lekker en makkelijk. Kost relatief weinig geld, tijd en moeite, en de opbrengst was de moeite waard. Alleen, volgend jaar niet meer zoveel verschillende dingen.
Wat terugkomt: komkommer, courgette, aardappel, aardbei (de gewone!) en uiteraard diverse kruiden.

Niet meer: wilde aardbei, wortel, sla, tomaat en snijbonen. Want daarvan was de moeite die het kostte, het resultaat niet waard.

Maar al met al is het erg goed bevallen en zal dit volgend jaar zeker vervolgd worden!