Archief van mei, 2009

Mei
25
Opgeslagen als En dan dit... door Mark op 25 mei 2009

Groot. En veel. Dat is wel een accurate omschrijving van de aanwezige planten in onze woonkamer.

Tomatenplanten die door de achterbuurman werden aangezien als wiet-plantage, komkommerplanten die de afstand vensterbank-plafond met gemak overbruggen en courgette die toch echt meer ruimte nodig heeft, dan dat smalle strookje MDF onder het raam.

De temperatuur was buiten inmiddels tot aanvaardbare hoogte gestegen (lees: het vriest niet meer) dus besloten we een en ander te verhuizen, naar een plek met meer ruimte, met name in de hoogte. Naar buiten dus.

Meteen namen we de gelegenheid te baat om de komkommerplanten van een grotere pot te voorzien en kreeg de courgette de vrijgekomen plek van de baby-rucola toegewezen. Die is namelijk nu op, en die gaan we zeker nog wel een keer maken, maar voor nu was de ruimte wel even handig, omdat een courgette plant bepaald geen klein potplantje is.

En zo hebben we meteen ook weer wat ruimte in huis. Wel weer even wennen, overigens. Een hoop groen in de woonkamer resulteert op de een of andere manier toch ook weer in een prettig leefklimaat. Of dat veroorzaakt wordt door een licht verhoogd zuurstof niveau, of gewoon omdat de mens van nature een buitenwezen is, weet ik niet. Maar een woonkamer zonder planten levert in elk geval geen behaaglijk gevoel. Gelukkig waren we niet enkel afhankelijk van tuinplanten, en staan er ook nog wat gewone binnenplanten.

 

We hebben in de afgelopen weken in elk geval een paar zaken geleerd:

  • komkommer heeft het graag warm
  • komkommer houdt niet van verpotten
  • courgette heeft ruimte nodig
  • courgettes bestuiven zichzelf niet (dat gaat buiten, met hommels en bijtjes toch een stuk makkelijker…)
  • aardbeienplantjes groeien heel langzaam
  • aardappelplanten worden best groot
  • tomatenplanten ook
  • je komt altijd potten tekort
  • zo niet, is de potgrond op
  • en een voorraadje verse kruiden is werkelijk een fenomale toevoeging aan je kruidenkastje! 

En aangezien er momenteel nog niet echt bruikbare resultaten te plukken zijn van de verschillende planten, is dat het eerste waar we voordeel aan hebben: verse kruiden uit de eigen tuin. De komkommers zijn namelijk nog wat klein (en het is de vraag of de plant de verpotting overleeft…), de courgette ook, en de tomaten vertonen net de eerste bloemen, en dat duurt dus ook nog wel even.

Maar die kruiden, dat is iets dat hadden we jaren eerder hadden moeten doen. Verse basilicum hadden we vorig jaar ook al wel, maar marjolein, rozemarijn, peterselie en sali erbij (en nog wat plantjes in opkomst, overigens) maakt de keuze natuurlijk wel wat uitgebreider. Je loopt gewoon even de tuin in, plukt wat je nodig hebt, in de wetenschap dat dat zó weer is bijgegroeid, en je dus in feite een onuitputtelijke bron van smaakjes hebt.

Het kost een paar kwartjes voor het zaad, een beetje potgrond, een paar weken geduld, en niet te vergeten wat liefde en aandacht, maar dan héb je ook wel wat!

Voor vanavond staat een pasta met noten-roomsaus, plakje zelfgebakken notenbrood, met daarbij een salade uit eigen tuin, van krulsla en komkommer op de rol. Beetje olijfolie en balsamico-azijn, paar pijnboompitjes en wat reepjes gedroogde ham bij het groenvoer, en smullen maar!

Of misschien gaat de barbecue wel aan. Gehakt, wat peper en zout, schijf van maken, 5 minuten per kant grillen, en dan op een broodje, met een blaadje sla, wat ui en tomaat (toegegeven: uit de supermarkt…) en wat verse basilicum. Wél uit eigen tuin!

McDonald’s: eat your heart out!



Mei
21
Opgeslagen als recepten 2009, vlees door Mark op 21 mei 2009

Charcuterie is een fascinerend boek! Heel, heel veel informatie, boeiende recepten, en uitdagende kansen. Daar ga ik nog een hoop lol mee hebben, zoveel is duidelijk.

Momenteel even uitgeleend aan de achterbuurvrouw, als dank voor de salie, maar dat is niet zo heel erg, want ik had nog wat dingetjes in de pijplijn zitten.

Waaronder deze pancetta dus. Gemaakt met een stukje buikspek, en volgens het recept uit het boek.

Ik was erg nieuwsierig. Want hoe vaak lees je niet een recept voor een italiaanse pasta, waar dan pancetta in moet. En hoe vaak heeft de slager pancetta?

Juist.

Dus moeten we dat maar eens zelf maken.

Ja, het is afzien in de keuken…

 

Ik mengde de kruiden, en het nitrietzout, in de vijzel, en plette het geheel. Het recept vermeldt dat je een Ziploc zak moet gebruiken, maar ik gebruikte een diepvrieszakje, en legde daar een knoop in. Werkt ook prima. Vlees goed ingewreven met de kruiden, en in de zak. Lucht eruit gedrukt. Dichtgeknoopt, en in de koelkast geled.

En nu wachten. 7 dagen lang. Elke dag even masseren en keren. En weer terug in de koeling

 

Op dag 8 nam ik het vlees uit de koelkast, en sneed het zwoerd weg. Eigenlijk had dat al op voorhand gemoeten, maar dat had ik over het hoofd gezien. Niet getreurd, doen we dat nu even. Daarna het vlees strak opgerold, en opgeknoopt. Ik had nog wat kleurig slagerstouw liggen, maar dat bleek niet genoeg. Dan maar wat gewoon bind-touw van de Ikea. We roeien met de riemen die ons zijn toebedeeld, nietwaar?

En daarna verhuisde het pakketje spek, voor 2 weken naar de kelder, om te drogen en te rijpen.

En zo kreeg ik na bijna 2 weken een sms van mijn vrouw:

"Volgens mij is je vlees aan het schimmelen in de kelder. Vliegen kunnen er ook makkelijk bij. Bah! Xxx"

Eenmaal thuis snapte ik haar reactie.

Voor wat betreft haar tweede opmerking: daar moet ik haar gelijk in geven. Dus daar verzon ik een oplossing voor. De eerste constatering klopt echter ook. Diverse plekken op het vlees, waar zich een schimmel had genesteld.

Ik had echter op voorhand al wat research gedaan, en wist dat ik me daar eigenlijk niet zo druk over hoefde te maken, zolang het een witte schimmel betrof en geen zwarte of rode. Die witte schimmel kan namelijk niet veel kwaad, en lijkt in feite heel erg op de schimmel die je ook op brie of camambert vindt. Bovendien is het vlees ook nog eens niet bedoeld om rauw te eten, maar om gebakken te worden. Dus spoelde ik het vlees onder de kraan goed af. En maakte me dan ook geen zorgen.

Nieuwsgierig sneed ik het vlees aan. Een mooie rode kleur, en een intens aroma komen er vanaf. Geen idee of echte pancetta ook zo ruikt, maar lekker is dit wel!

Even snel een paar plakjes in de pan, en eens proeven.

Beetje zout, maar kruidig, en erg lekker!

Proef op de som was natuurlijk er een keer mee te koken. En ik maakte dan ook (hoe kan het haast anders…) een pasta ermee. Een spaghetti carbonara, die traditioneel ook met pancetta gemaakt wordt.

Eindoordeel van de jury: ik sta volgende week weer bij de slager. Voor een nieuw stuk spek. Voor pancetta. Of bacon. Want dit is leuk! En lekker!

Ingredienten

  • stuk buikspek, zonder het vel
    en per kilo vlees:
  • 4 teentjes knoflook
  • 20 gram nitrietzout (0,6%)
  • 2 eetlepels bruine suiker
  • 2 eetlepels jeneverbessen, geplet
  • 4 kleine laurierblaadjes
  • 1 theelepel nootmuskaat
  • 1 theelepel thijm
  • 4 eetlepels versgemalen peper

Bereiding

Snij het buikspek tot een rechthoekige lap, indien gewenst. Loszittende stukken kun je het best even wegsnijden.

Meng in de vijzel het zout, de suiker, de kruiden, en de helft van de gemalen peper. Plet met de vijzel de jeneverbessen. Wrijf het stuk spek in met het zout/kruidenmengsel. Zorg ervoor dat het zout goed overal zit, en masseer het wat in.

Stop het vlees in een diepvrieszak, pers er zoveel mogelijk lucht uit, en knoop goed dicht. Leg het in de koelkast gedurende 7 dagen. Masseer het vlees elke dag, zonder het uit de zak te halen (dus door de zak heen) zodat het zout en de kruiden goed verdeeld worden en blijven.

Haal na deze periode het spek uit de koelkast, en spoel het goed af onder de kraan. Leg het plat op je werkbank en verdeel de rest van de peper nu over de vleeskant.  Rol het vlees op, en knoop het op, met slagerstouw. Zorg ervoor dat er geen lucht in het opgerolde vlees blijft. Te strak op binden kan eigenlijk niet.

Hang de pancetta-to-be op een droge plek, bij een temperatuur van 12-15 graden te drogen, gedurende 2 weken. Ik hing het in de kelder.

Spoel het vlees dan eventueel af, onder de kraan, waarbij je eventuele schimmel verwijderd.

Het vlees is in de koelkast ca 3 weken houdbaar, maar kan uitstekend ingevroren worden, en is dan tot 4 maanden houdbaar.

Na 2 weken is het in feite klaar, en kun je het in plakken snijden, naar gewenste dikte. Lekker met een gebakken eitje, of natuurlijk in een pasta carbonara!



Mei
18
Opgeslagen als En dan dit... door Mark op 18 mei 2009

Rol plakband : €2,95
Rol vliegengaas 100×120 : €4,90
Geschaafd vuren 20×30x240 : €5,40.
Doosje schroeven: €0,75
Haakjes: €1,-

Totaal exact 15 euro.

Beetje zagen, schroeven, knippen en plakken. En voilá!

Een droogkastje.

Waarom een droogkastje?

Nou, omdat ik graag in de komende periode wat met gedroogd vlees wil gaan doen, en we weer langzaam de insectrijke tijden gaan, leek het me toch handig om iets te hebben waarmee ik kan voorkomen dat een of ander vliegend ongedierte besluit om mijn met zorg toebereidde vleeswaren te vernaggelen, door zijn nageslacht erop te willen dumpen.

Dat, en mijn vrouw, die het een ietwat onsmakelijk idee vond dat het gewoon los in de kelder hangt, zo zonder bescherming. En dan kan ik wel uitleggen dat de natuurdarm om de worst de vliegen voldoende tegenhoudt, maar bij het drogen van een stuk spek (waarover later meer..) is dat natuurlijk een minder overtuigend argument.

Omdat ik besloten had salami te maken, en omdat die een week of 4 moet drogen, leek dit een goed moment om even iets in elkaar te knutselen.

Vandaar dus dit droogkastje.

Heel simpel: 50×50 centimeter, en 30 diep. Vliegengaas rondom, en een luikje of deurtje aan de voorkant. Kwestie van een uurtje, en toen was het klaar.

En de worsten voelen zich prima thuis. Niet op de eettafel uiteraard, maar gewoon in de kelder. Want dit is slechts voor de foto. Maar dat snapt u vast ook wel!



Mei
15
Opgeslagen als groente en fruit, hoofdgerecht, oven, recepten 2009 door Mark op 15 mei 2009

Het is weer aspergetijd!

Fijn, want daar hou ik wel van!

En dan niet van die dingen die Albert Heijn zonodig uit Peru moet halen, maar gewoon van de Hollandsche klei. Norod-Limburg. Brabant. Drenthe. Maakt niet uit, als ze maar een vaderlandsche achtergrond hebben!

Klassiek is de combinatie met ham en ei.

En who am I, to argue with history?

En dus aten we asperges met ham en ei.

In taartvorm. Dat dan weer wel.

Eigenlijk poepiesimpel, maar wel lekker. Met flink wat aspergesmaak. En verse basilicum. Uit eigen tuin!

Overigens zit er in asperges asparagusinezuur. En dat veroorzaakt bij een deel van de eters van asperges een heel bijzondere chemische reactie, waarbij een 6-tal zwavelverbindingen in het lichaam worden omgezet in vluchtige zwavelhoudende verbindingen. En bij ongeveer de helft van de asperge-eters vertaalt dat zich weer in een typische asperge-geur bij het plassen naderhand. Hoe het exact zit, weet ik niet, maar het schijnt genetisch bepaald te zijn of die omzetting in je lichaam wel of niet plaatsvind.

Volgens historici en biologen hebben deze zwavelverbindingen er overigens niet altijd in gezeten. Pas sinds de 18e eeuw, toen begonnen werd om asperges te bemesten met zwavel- en sulfaathoudende meststoffen treedt dit effect op.

En dan zou je eenvoudig redeneren: stop daar dan mee! Maar dat schijnt dan ook weer niet 1-2-3 te kunnen, omdat die zwavelverbindingen nematoden, een ongedierte, in de asperge helpt voorkomen.

It’s a small price to pay, wat mij betreft, en dus schil ik gerust nog een stel asperges.

Misschien eens in een braadzak met boter, proberen?

Ingredienten

  • 750 gram Hollandse asperges
  • 3 eieren
  • 125 gram geitenkaas
  • 125 ml room
  • handvol verse basilicum
  • 150 gram ham, in blokjes
  • 1 pak deeg voor hartige taart (diepvries)
  • boter
  • peper&zout

Bereiding

Schil de asperges, en kook ze 10 minuten in een pan met ruim water. Verwarm intussen de oven voor op 200 graden.

Bestrijk een platte ovenschaal met boter, en bekleed de bodem en zijkanten met het deeg voor hartige taart.

Meng in een kom de eieren, room, verbrokkelde geitenkaas, de klein gesneden basilicum en hamblokjes. Breng op smaak met peper en zout.

Leg de asperges op het deeg, en overgiet met het mengsel.

Gedurende 25 minuten afbakken in een oven van 200 graden.



Mei
12
Opgeslagen als En dan dit... door Mark op 12 mei 2009

Mijn bericht over de pizzasteen maakte de tongen aardig los!

Leuk! Bedankt voor de reacties! Graag meer daarvan, want ik ben erg benieuwd hoe de diverse stenen bevallen!

Als aftrap: mijn eigen steen in onze oven.

De steen is inmiddels een paar keer gebruikt.

Wat opvalt zijn een aantal dingen:

  • Het opwarmen van de oven duurt langer. Zeker 20 minuten langer duurt het, voor het signaal komt dat de gewenste temperatuur is bereikt;
  • Als de oven warm is, en je opent de deur, komt je een enorme stralings-warmte tegemoet, van de steen. Je kunt echt goed merken dat de steen gloeiend heet is!
  • De ovendeur opendoen zorgt normaal voor een flinke daling van de temperatuur in de oven. Mét steen, is er nauwelijks sprake van een echte daling;
  • De oven hoeft minder vaak bij te warmen. Ofwel: er moet in eerste instantie flink wat energie in, maar die wordt ook gedurende een langere tijd afgegeven;
  • Na uitschakelen is de steen zelfs na een uur of 3-4 te heet om hem eruit te halen. De dikte van mijn steen zorgt er dus echt voor dat het lang heet blijft

Dat leidt er meteen toe dat je de oven met steen ook wat meer ingepland moet gaan gebruiken. Immers: het kost wat meer om die steen te verhitten, dus kun je daar maar beter zo optimaal mogelijk gebruik van maken. Zo kun je er dus je pizza’s op bakken, maar als die steen toch al heet is, gebruik je de hitte gewoon nog eens, door er ook brood op te bakken. Dat vergt dan wel even gepuzzel met tijden, want je moet je rijstijden van het brood natuurlijk wel goed afstemmen op de pizzabakkerij. Is toch sneu als je halverwege de pizza’s de broden erin zou moeten schuiven, en dan eerst 30 minuten moet wachten….

 Op de foto hierboven is de oven mooi op 230 graden hetelucht (wat neer komt op 250 graden conventioneel). De steen is gloeiend heet, en ik heb net met mijn Superpeel (blijft een fantastische aanschaf!) de pizza van de kids erop geschoven.

Eenmaal op de hete steen, kun je de korst van de pizza bijn zien rijzen! De zogenaamde ovenrijs komt door de direkte, intense hitte goed tot zijn recht.

Vrij snel daarna, 7-8 minuten, is de pizza alweer klaar. Mooie bruine rand, gesmolten kaas, en: ruikt werkelijk fantastisch!

Dan het enige criterium dat er uiteindelijk toe doet: de smaaktest!

Nou, daar is werkelijk niets mis mee! Mooie knapperige korst, krokante dunne bodem, en ach, de toppings is natuurlijk ieder voor zich, maar geloof me: de kinderen hebben zitten smikkelen en smullen!

En zoals ik al schreef: het is nu eenmaal toch al heet, dus laten we dat niet zomaar gaan, en daarom had ik met wat gepuzzel het zo uitgekiend, dat na de pizza’s er twee vloerbroden gebakken kunnen worden.

En ook die kwamen er weer supermooi uit!

Voor wie geen pizza-oven kan of wil kopen of maken, is dit dus echt een perfect alternatief.

Dus, hup! Naar buiten, en trek een tegel uit de stoep voor je huis!

Allemaal aan de steenoven!



Mei
09
Opgeslagen als En dan dit... door Mark op 9 mei 2009

Ik maakte vorige week sinds enige tijd weer eens verse worst. Het was de bedoeling om een worst te maken, van varkensvlees, met salie en gember. In de volle overtuiging dat we nog salie hadden, kocht ik vlees, maalde dat, en kwam er toen pas achter dat dat redelijk essentiele ingredient op was. En de winkels dicht.

Ik improviseerde, door er worst met gember, knoflook en chilipeper van te maken. Ook lekker, maar toch niet waar ik voor ging.

Die avond liet ik de hond uit, en liep de achterbuurvrouw tegen het lijf. We raakten nog even aan de praat over onze gemeenschappelijke noodzaak om op dat moment buiten te zijn (de hond, dus), maar op de een of andere manier kwam het gesprek ook op worst terecht. En toen vertelde ik dus van mijn salie-debacle.

"Had je even langs moeten komen! Heb nog salie in overvloed in de tuin staan!:"

Grmbl!

"Weet je wat? Ik breng je straks wel een plantje!"

En ja hoor, een half uurtje later ging de tuindeur open, en stond achterbuurvrouw er, met een pot. Met verse salie!

En dus is onze kruidenvoorraad een plantje rijker!

Op de foto is een deel te zien, namelijk 2 x baslicum, de salie van de buurvrouw, 2 potjes met wilde aardbei, en een spaanse peperplant. Van die laatste weet ik nier of die het gaat redden. Hij stond binnen helemaal te verleppen, zonder aanwijsbare oorzaak, dus heb ik hem maar buiten gezet, in de hoop dat de warmte en de hoeveelheid zon in die hoek van de tuin voldoende is om hem weer erboven op te helpen. Afwachten, dus…

Fascinerend om te zien, oveirgens: je stopt een zaadje in wat grond, houdt het vochtig en warm, en dan ineens komt er een groen sprietje zijn kopje boven de oppervlakt esteken. Dat hou je zo een paar weken vol, en dan is dat kleine sprietje een grote spriet geworden, en staat je woonkamer ineens vol met grote potten met planten.

Op de moesvensterbank dus.

 

De eerste tekenen van vruchten beginnen zich al af te tekenen, in dit geval bij de komkommer. In totaal stond de teller gisteravond op een 20-tal bloement, waarvan 7 stuks met niet enkel een bloem, maar ook al een voorzichtige aanzet tot een daadwerkelijk herkenbaar komkommertje. Waar ik nu wel naar benieuwd ben is hoe de plant zich houdt, als de vrucht groter, en dus zwaarder wordt.

Momenteel hangen er nog maar kleine dingetjes in de plant, die met hun geringe gewicht de plant amper beïnvloeden. Maar als er straks een 20 centimeter lang exemplaar aan hangt, dan is dat wellicht een ander verhaal. We zullen zien.

De tomaten beginnen ook serieuze vormen aan te nemen. Zo groot, dat het waarschijnlijk niet lang meer duurt, of ze zullen noodgedwongen naar buiten moeten verhuizen, omdat mijn vrouw graag weer "gewone" dingen in de vensterbank wil zetten..

De planten op de foto rechts, hierboven, zijn overigens 2 verschillende typen: de hoge/lange is een ‘normale’ tomaat (achterin) en de lagere variant (vooraan) zijn 2 pruimtomaat planten.

Toen we vorig jaar voor de eerste maal tomaten hadden geplant, een trostomaat, en daar de eerste vruchten van plukten toen die mooi rood van kleur waren, was het eerste dat opviel de enorme explosie van pure tomatensmaak in je mond. Veel voller, en sterker van smaak, dan de tomaten die je normaliter in de winkel op de hoek koopt. Superlekker! Dus ook met deze hebben we goede hoop!

Enkele maanden geleden kocht ik in Assen ook nog een handvol biologische aardappen. Ik schreef er al eerder over. En die stopte ik dus in de grond.

En, zie daar: ze zijn gegroeid! En flink!

4 stuks aardappelplant groeien er in de bakken in de tuin, die, als het goed is, een paar kilo knollen per stuk kunnen opleveren. Ik verwacht, mits er niets gaat rotten of iets dergelijks, dat ik de investering van €0,42 er wel uit haal.

De planten moeten de komende periode in elk geval gaan groeien. Pas als het loof begint af te sterven is het tijd om de aardappels voorzichtig uit de grond te halen. Ze mogen dan eerst een weekje drogen in de kelder, en dan zijn ze gereed om te eten.

Maar wat ik toch zeker ook ga proberen, is om de aardappel op de dag van oogsten nog te koken. Heel benieuwd of de smaak van zo’n niet-verser-van-het-land-te-krijgen aardappel ook nog een bijzonder resultaat oplevert.

Nieuwe aardappel in extrema.

Nieuwste aardappel?

Of zo…

 

 



Mei
07
Opgeslagen als En dan dit..., hoofdgerecht, pasta, recepten 2009 door Mark op 7 mei 2009

Het goede weer van enige weken terug heeft de tuin meer dan goed gedaan. De zaden die we half maart gezaaid hebben, beginnen nu allemaal flink de kop boven de grond te steken. Wat bijvoorbeeld begon als een komkommerscheut neemt inmiddels forse afmetingen aan, en begint zelfs al te bloeien.

 

De worteltjes hebben loof, waardoor deze inmiddels ook als zodanig herkenbaar is. Nog even, en de plantjes mogen verspeend worden, om ze wat meer ruimte te geven. Zouden we dat niet doen, dan gaan de wortels zich met elkaar verstrengelen, en krijgen we geen mooi groente als resultaat, maar een knoop worteltjes.

De bloem op de foto is overigens een bloem aan een van de komkommerplanten. De planten zijn hier nog vrij jong, en nog niet in staat om fatsoenlijk een vrucht te laten groeien, zonder dat dit te veel van de plant vraagt. Niettemin zijn ze toch al snel anderhalve meter hoog. We moeten nu eerst ervoor zorgen dat de plant wat sterker wordt, en dat doen we door de eerste 6 - 7 bloemen met hun zijscheuten te verwijderen uit de plant. Alle energie kan dan gestoken worden in het aansterken, zodat we straks mooiere en betere komkommers overhouden.

Ik ben benieuwd of er ook een smaakverschil is, met de komkommers zoals je die in de supermarkt kunt kopen. Als ik heel eerlijk ben, verwacht ik dat niet, aangezien een komkommer van zichzelf een vrij neutrale smaak heeft. Weinig ruimte om daar echt qua smaak iets aan te doen, lijkt me. Wat wellicht meer verschil zou kunnen opleveren is de grootte waarop de komkommers geoogst gaan worden. Een supermarkt-komkommer is vrij fors qua formaat, en wij zullen kleinere komkommers van onze planten krijgen. Daar waar de winkel-variant een centimeter of 30 is, zal onze vensterbank exemplaren van 15-20 centimeter opleveren.

Te zijner tijd zal ik de vergelijkingsresultaten uiteraard ook beschrijven.

 

Van de rucola kan ik de resultaten van de smaaktest wel alvast geven: die is meer dan uitstekend! Een mooie volle smaak, met dat typische nootachtige. Wij hadden babyrucola in de tuin staan, waarvan de blaadjes eerder op spinazieblaadjes lijken, dan op de markante, getande bladeren van de reguliere rucola. Die bladeren zijn langer, smaller en meer getand. Onze blaadjes waren klein, kort en rond. Maar qua smaak vrijwel identiek.

De planten hebben inmiddels hun beste tijd gehad, en hebben dan ook het veld moeten ruimen voor iets anders. De smaak van de rucola werd namelijk vrij bitter, als gevolg van het feit dat het  toch al een respectabele tijd in de grond stond. En blijkbaar is dit type meer geschikt om jong gegeten te worden. Het groeit echter vrij snel, dus ik zal het in de komende maanden gewoon nog een keer zaaien.

Een van de dingen die we ermee gemaakt hebben, was een eenvoudige, maar bijzonder smakelijke pasta, met rucola, ricotta en spekjes. Klaar in een kwartiertje…

Ingredienten

  • 500 gram penne pasta
  • 250 gram gerookte spekblokjes
  • flinke handvol rucola
  • 250 gram champignons
  • 250 gram ricotta
  • 1 eetlepels olijfolie
  • 2 eetlepels citroensap
  • truffelolie (optioneel)
  • parmezaanse kaas (optioneel)
  • zout&peper

Bereiding

Kook water in een ruime pan, met zout, en kook hierin de pasta ‘al dente’.

Maak de champgnons schoon, en snij in partjes (of gebruik de eiersnijder!). Bak in een pan met antiaanbaklaag de spekjes, en voeg de champignons toe, en bak deze even mee. Voeg de ricotta toe, en breng het geheel op smaak, met de olijfolie, citroensap en wat peper en zout. Eventueel nog een theelepel truffelolie, al is dat natuurlijk geen must.

Doe het ricotta-mengsel bij de pasta, samen met de rucola, en meng alles goed door elkaar.

Serveer met een stukje ciabatta, en wat geraspte parmezaanse kaas.