Ik liep door de poortjes richting de bouwmaterialen. Beetje dolend, want het is best een grote zaak, en ik wist niet precies waar ze ze opgeslagen zouden hebben. Ik liep langs de isolatiematerialen, tuinplanken, badkranen en verf. Me verbazend over de hoeveelheid verschillende lampen, en neusde nog even in de ramsj-bak, met aanbiedingen.
Na een tiental minuten kwam ik uit op de tuinafdeling, en liep ik naar het gedeelte buiten, waar ze de geïmpregneerde houten tuinpalen, zakken grind en sierstenen, en de stoeptegels tentoonstellen. Daar ergens, beetje verstopt tussen diverse varianten terrastegels, lag nog een stapel van een stuk of 6 stenen.
Travertino stond erbij. Precies wat ik zocht!
Ik nam er een van de stapel, liet een begeleidend bonnetje aanmaken, en rekende af. En zo was ik in ruil voor €4,69 de trotse eigenaar van een stuk steen, van 45 x 45 centimeter. Een loeizware steen,overigens! Ook wat te groot, maar dat was een punt dat de haakse slijper eenvoudig zou oplossen.
Later die middag stond ik daarom in de achtertuin, met de Workmate, met daarop de zojuist aangeschafte steen. Veiligheidsbril op de neus, handschoenen aan, gehoorbescherming op en de slijper in de aanslag. Na een paar minuten oorverdovend lawaai was de steen geslonken tot het beoogde formaat van 30 bij 40 centimeter.
Het resultaat: een home-made pizzasteen. Voor wènig, zoals ze in Den Haag zeggen. Daar waar commerciele producten al snel 4 tientjes kosten, was ik dus voor nog geen €5,- klaar. Tevreden liep ik naar de keuken.
Eenmaal goed schoongemaakt, met flink water en zeep, kreeg hij eerste de kans goed te drogen. Ik ken de eigenschappen van dit Travertino niet exact, maar wilde niet het risico lopen een steen die vochtig is van binnen in een hete oven te laten zitten. Wat dan namelijk kan gebeuren is dat het vocht, binnenin de steen, zich omzet in stoom, en (zoals wellicht bekend) stoom is erg krachtig, en zou potentieel de steen kunnen laten barsten of, erger nog, laten exploderen. Het zekere voor het onzekere dus, en eerst eens een weekje op laten drogen.
Nadat de steen zo een zevental dagen op het aanrecht had kunnen drogen, was het tijd om hem in te wijden.
Ik maakte 2 brood-degen: een gewoon wit, en een grofvolkoren, volgens beproefd recept. Ik wilde namelijk 2 vloerbroden bakken. Daartoe liet ik het deeg de eerste rijs gewoon in een bak rijzen, en in plaats van de gebruikelijke 2e rijs in de broodvorm, maakt ik er direct een brood van, en liet dat rijzen op een stuk bakpapier, onder een theedoek. Voor het bakken hoefde ik dan enkel het deeg met de pizzaschep op de steen te schuiven, met papier en al.
Dan de steen in het rooster, in de oven, en de temperatuur eerst maar eens naar 140 graden. Om even te proberen. Geen probleem, bleek. Dus toen de temperatuur maar hoger, naar 220 graden. Dat zorgde er wel voor dat er wat vreemde luchtjes uit de oven kwamen. Maar dat heb je ook als je voor het eerst een nieuwe broodrooster, oven, of iets anders dat heet wordt, aanzet. ‘De nieuwigheid moet er even uit branden’, dacht ik bij mezelf.
Naeen half uurtje was alles goed heet, en de geur zo goed als weg. Het brood was inmiddels ook zover dat het in de oven kon, dus deur open en brood erin!
En meteen werd duidelijk waarom die steen zo nuttig is: een enorme stralingswarmte kwam me tegemoet, toen ik de deur opendeed. Dat is duidelijk het voordeel van zo’n dikke, zware steen, hij houdt de warmte enorm goed vast.
Ik schoof het vel papier met de broden erop, en sloot de deur weer. En vrijwel direct zag je het brood groeien. De hitte doet zijn werk. En de oven hoefde dankzij de dikke steen ook nauwelijks bij te warmen.
Na 30 minuten waren de broden mooi bruin, en klaar. Nu eerst een uurtje of 2 wachten tot een en ander is afgekoeld. En ook nu weer was goed te merken dat de steen de warmte lang vasthoudt, want waar normaal na een uurtje de oven weer is afgekoeld, duurde dat nu flink langer. Ik denk wel twee en een half uur.
En de broden? Échte vloerbroden, met een knapperige korst, en een geslaagd uiterlijk. Van binnen mooie blazen in het deeg, wat een direct gevolg is van de hitte van de steen, die ervoor zorgt dat het water in het deeg zich snel tot stoom vormt, en het brood mooi luchtig maakt. Precies de uitkomst die ik verwachtte en hoopte van een ovensteen.
Conclusie: prima investering, prima resultaat en leuke mogelijkheden in het verschiet. Denk daarbij aan broodjes, (diepvries-)pizza(*) en misschien zelfs taart!
Ik = blij!
(*) Ik maak normaal zelf mijn pizza’s, maar als experiment wil ik wel eens weten wat een pizzasteen voor invloed heeft op een diepvriespizza. Ik vind die bodems namelijk in een gewone oven nooit geweldig. Vaak hard, taai en droog. Misschien dat de hitte van de pizzasteen er tóch nog iets van kan ‘bakken’! Verslag volgt uiteraard!
"Kleine plantjes worden groot" schreef ik de vorige keer. En onderstaande foto’s laten zien dat daar geen woord Spaans bij is!
Wat begon als een zakje met hele kleine zaadjes (basilicum, aardbei) en wat grotere zaden (komkommer, courgette), groeit in een paar weken zomaar uit tot flinke planten, die nu zo’n beetje elke vensterbank in huis bezetten. Geholpen door het warme weer groeit alles als de spreekwoordelijke kool. We moeten ons nu echt bedwingen om niet alles buiten te zetten, want ondanks dat het de afgelopen weken elke dag zonnig en rond de 20 graden is geweest, kan het weer zomaar omslaan, en alle moeite om zeep helpen.
Vooral planten als de paprika en tomaat hebben het nu nog liever even warm. De aardbei maakt het niet zoveel uit. Dus de gewone zijn al naar buiten verhuisd. De wilde aardbei is nog wat te klein, dus die staat nog even binnen.
(En terwijl ik dit schrijf besef ik me dat het lijkt alsof het hier over kinderen gaat…
)
Maar de planten groeien dus aardig, en de kleine kweekkasjes zijn dan ook verruilt voor grotere potten. De tomaten (pruim en gewoon) hebben echt forse potten, en de komkommer en courgette hebben zelfs een heel bouwwerk van bamboe gekregen, waar ze met graagte omhoog klimmen. Ik werd overigens gewaarschuwd dat de komkommer tot wel 1.80 meter hoog kan worden, dus dat kan nog wel wat worden de komende weken…
De basilicum heeft inmiddels ook al de grootte gekregen van zo’n potje dat je normaal bij de Aldi of zo koopt. En we hebben dus 3 van die potjes vol. Dat wordt straks heerlijke pesto, lekker op de pasta, en onvergetelijk op de pizza. Verse baslicum rules!
De eerste ervaringen evaluerend kan ik concluderen dat het zelf opkweken van dit soort planten tot nog toe enorm meevalt. Beetje water geven elke dag, beetje lief tegen praten en op tijd verpotten als ze te groot dreigen te worden. Alles bij elkaar een uurtje per week. Meer kan het niet zijn, dat we er nu in investeren.
Wat al wel een mooi pluspunt is, is dat het de kinderen ook nieuwsgierig maakt.
Ik had in een van de plantenbedden buiten ook rucola gezaaid, en die is inmiddels al stevig gegroeid. Dus toen ik er een paar blaadjes uittrok om te proeven, stond mijn dochter van inmiddels 4 al snel naast me, en vroeg nieuwsgierig "Wat is dat, papa? Mag ik dat ook proeven?"
Wetend hoe zeldzaam het is, als een klein kind uit zichzelf iets nieuws wil proeven, liet ik dat natuurlijk niet zomaar voorbijgaan, en plukte ik een paar blaadjes rucola uit de tuin. Glunderend stopte zet het in haar mond. Haar ogen verriedden de oprechte verbazing,w ant het was toch wel heel bijzonder dat je zomaar blaadjes uit de tuin mag opeten, en dat dat dan ook nog lekker is!
Nadat we haar goed op het hart hadden gedrukt, dat ze alleen dingen uit de tuin mag eten, als ze die krijgt van papa of mama, aten we die avond pasta.
En ja hoor: "Mag ik wat van die blaadjes op mijn pasta?"
En die moestuin?
Wordt vervolgd!
Uiteraard!
Een willekeurige zaterdagmorgen, ergens in januari. Het zonnige lenteweer lijkt nog mijlenver weg, en in plaats daarvan waait een gure, koude wind over de straat. Kraag omhoog, sjaal om, en liefst de wanten aan. Want het is koud. Vies koud.
De autoruiten ijsvrij gemaakt, de airco op 21 graden, en de achteruitverwarming aan. Kids op de achterbank, en mijn vrouw naast me, rijden we de oprit af, naar Assen. Even naar de bouwmarkt, de schoenwinkel, en (als we tijd hebben) nog even langs het tuincentrum.
We hadden dus wat tijd. En besloten ter plekke dat het best een keer leuk zou zijn, om eens wat te experimenteren in de tuin, en te kijken of we met minimale impact op de leef- en speelruimte in de tuin wat plantjes kunnen kweken. En tja, dan ben je een beetje bezig met koken en zo, en dan wordt dat kweken geen gebeuren met azalia’s, geraniums en sanceferia’s. Nee, dan ga je voor groenten en kruiden. Die bloeien ook. Dus zo bezien…
We kwamen thuis met een pak pakjes, en 2 kweek-kasjes. Tomaten, komkommer, paprika, chilipeper, rozemarijn, basilicum, courgette, aubergine en nog wat grut. ‘Wenn schon, denn schon!‘ heet het in Duitsland. Áls we dan wat willen, dan pakken we het ook meteen groots aan.
De pootgrond (niet ter verwarren met potgrond) verdeeld over de kweekkasjes, en de zaadjes verdeeld over de compartimentjes. Beetje water erop, en dan op een zonnige plek. Ideaal lijkt een plekje op de vensterbank in de aanbouw, bij een groot raam, met een verwarming eronder. Uit het condens dat zich opbouwt onder de doorzichtige kap, concludeer ik dat het ideale klimaat geschapen is: warm en vochtig.
En dan begint het wachten.
Wachten tot dingen beginnen te ontkiemen en er groene sprietjes verschijnen.
Dat duurt een paar dagen tot weken, afhankelijk van de plant. Zo waren de komkommer en courgette al vrij snel boven ‘water’, maar de spaanse peper nam zijn tijd, en liet zich pas na 2 weken zien. Bijna op het moment, dat ik de hoop al opgegeven had.
Bijzonder is dat het in het begin niet meer is dan een paar zwarte bolletjes en pitjes. En dat daaruit dan vervolgens een plant groeit, die (als alles ‘according to plan’ gaat) dan weer groente of fruit oplevert. En dat alles, terwijl we alleen wat water en zonlicht toevoegen, en er verder eigenlijk niet zoveel voor hoeven te doen.
En dat geldt eigenlijk ook voor wat we in de tuin aangelegd hebben. Die tuin was toch al zwaar ‘under construction’ een paar weken geleden, dus hebben we toen meteen wat voorzieningen getroffen, om ook daar wat groene, of liever bruine, vingers te krijgen.
Er ging sla, wortel, bieslook, en jawel: 4 aardappelen de grond in. En als het goed is, dan leveren bijvoorbeeld die aardappelen een paar kilo per stuk op, over een paar maanden.
Die aardappelen zijn trouwens verrassend eenvoudig: je neemt gewoon een aardappel, liefst biologisch natuurlijk, en die laat je eerst even uitlopen. Dat uitlopen is heel makkelijk, en iedereen die wel eens aardappel te lang heeft laten liggen kan het. Gewoon een week of 2 wachten op uitlopers dus.
Dan maak je een gat in de grond, van een centimeter of 10-15 diep. Aardappel erin mikken, grond erover, en wat water. En dat is eigenlijk alles. Dan moet je wachten. Soort slow-food, zeg maar. Maar dan ook écht slow…
Maar ook als je geen tuin hebt, kun je dit proberen: koop gewoon een zak potgrond, knip die aan de bovenkant open, en stop een aardappel in de grond. Sneetje in de zijkant, en ook daar een aardappel in. Beetje water erbij en klaar. En vervolgens gewoon op balkon of terras zetten, die zak. het proberen waard, nietwaar?
Binnenkort overigens meer over de voortgang in tuin en vensterbank!
Een tipje van de sluier alvast: ook kleine plantjes worden groot. Heel groot!
Tja, je hoort het wel eens.
En je leest het wel vaker.
Meestal bij grote sites. In Amerika.
Maar nu ook bij Kokend Water.
De site was gehacked….
***
Ofwel: vanmiddag startte ik de browser, en kreeg van de Twitter plugin de melding dat hij niet kon inloggen. Even naar twitter.com, en daar bleek als snel dat mijn account ’suspended’ is, zoals dat heet, vanwege inbreuk op de voorwaarden, of zo. Ik kon me niet voorstellen wat precies, aangezien ik geen rare fratsen daarmee uithaal.
Maar goed, mailtje naar twitter met de vraag wat er aan de hand is.
Dan even met de browser naar de site zelf.
Foutmelding!
"De website op www.makaja.nl is gerapporteerd als een aanvalsite en is geblokkeerd op basis van uw beveiligingsinstellingen."
Oke, dan!
Nu weet ik toch redelijk zeker, dat mijn eigen site geen aanvalsite is. Maar ja, wat doe je dan. De fout was overigens alleen zichtbaar met Firefox. Internet Explorer toonde de site gewoon.
Eens snel Wordpress, de software achter dit blog, controleren.
En verhip! Er staan dingen in de code, die ik er niet ingezet heb. En die verwijzen naar een of andere vage site, met hele foute pop-up schermpjes, die NSFW, en waarschijnlijk NSFAnywhere zijn… Maar gelukkig geen kwaadaardige software of zo…
Maar ja, op kantoor kan ik weinig doen. Het enige dat ik daar kon, was de site snel offline zetten, en thuis de boel repareren.
Zoals gezegd, zo gedaan, en de ‘foute’ code verwijderd. Dat ging eigenlijk heel gemakkelijk. Hoe die erin is gekomen, geen idee, maar weg=weg. Ik hou het de komende tijd in de gaten, en stuur een mail naar mijn hosting-provider.
Ondertussen een mail gestuurd naar Google, met het verzoek om de blokkade op te heffen.
Als u dit leest met Firefox, dan is dat gelukt. Internet Explorer werkte nog gewoon.
En twitteren? Tja, hopelijk gaat ook dat weer snel!
Sorry voor het ongemak in elk geval, van mijn kant!
Laat ik nogmaals herhalen, dat ik geen kwaad in de zin heb, en hier part noch deel aan heb…. Hopelijk heb ik u niet permanent weggejaagd…
Onze huwelijksreis voerde ons een paar jaar geleden naar Korfoe. Het mooie bloemeneiland, voor de kust van Griekenland. Bekend, omdat daar Sissi’s buitenpaleis staat, en vanwege het feit het een wel heel korte landingsbaan, van net iets meer dan 2 kilometer, waarbij de aanvlieg-route op geringe hoogte boven het water is. Een belevenis op zich eigenlijk.
Korfoe, of Corfu, is Grieks. En Grieks eten is ook geen onbekende in de Nederlandse keuken. Gyros, het pita-brood, de gevulde wijnbladeren (dolmadakia of dolmades) en natuurlijk tzatziki.
We liepen vanuit ons appartementencomplex naar het centrum van Gouvia, het dichtsbijzijnde plaatsje van betekenis. Typisch een toeristendorpje, met veel lawaaierige winkeltjes en eettenten.
Langs de vele zaken met opvallend veel Engelse toeristen liepen we, ondertussen de menukaarten lezend, op zoek naar iets van onze gading. Een zaak zag er wel leuk uit. Het was er ook best druk, waaruit we concludeerden dat het met het eten dan ook wel snor zou zitten.
Ik bestelde een pilsje, en een rode wijn voor mijn vrouw. Ik had trek in lamsvlees.
‘Lamb with applesauce’
Hmmm. Klinkt goed. Doe mij die maar.
Een klein kwartiertje later landde het bord op mijn tafel.
En onmiddelijk begreep ik mijn vergissing.
Daar waar ik een stukje vlees, vergezeld van een lekker appel-calvados-jus (bijvoorbeeld…) verwachtte, kreeg ik lamsvlees met…
appelmoes!
Damn!
****
Een paar dagen later aten we bij een vrijwel leeg restaurant. Het lag niet echt op de route, maar was ons aangeraden. Een beetje terughoudend schoven we aan, want een vol restaurant bleek immers geen garantie, maar een lege eetzaal voorspelt ook zelden iets goeds.
Dat bleek echter totaal ongegrond. Het was erg goed, zó goed, dat er later die week met een hele groep nog eens terug zijn gegaan. En wéér lekker hebben gegeten!
Een van de dingen die we aten, waren keftedes: gehaktballetjes in tomatensaus. Simpel, met wat rijst, maar gewoon goed. Niet te verwarren met dat vreemde pak van Knorr. Kofta is de fantasienaam, die de koper moet laten denken dat hij iets Grieks koopt. Maar dat pakjesspul lijkt niet op het origineel. Dat ook nog eens verrassend eenvoudig te maken is.
Daarom: keftedes! Maar dan het échte spul!
Ingredienten
Bereiding
Snij de knoflook in zeer kleine stukjes. Verhit olie in een pan, en fruit hierin de knoflook en de helft van de ui. Laat afkoelen, en meng met het gehakt.
Meng daarna het gehakt met de rijst, de helft van de ui, de knoflook, djintan, peterselie, wat peper en zout en 2 eetlepels water. Vorm er balletjes van ter grootte van een ei of walnoot.
Verhit wat olie in een grote braadpan en bak hierin de balletjes rondom bruin. Neem ze uit de pan. Fruit de rest van de ui in het vet in de pan. Roer de tomatenpuree en de oregano erdoor, en voeg de tomaten toe.
Schenk de bouillon bij het tomatenmengsel en breng het al roerend aan de kook. Voeg aan het begin van het sudderen de optionele uijes toe, zodat deze ook gaar kunnen worden. Leg de balletjes in de saus en laat ze in 15 minuten op een laag vuur gaar worden.
Lekker met rijst of patat, en een salade.
Soms vraag je je af, of we in onze huidige maatschappij niet te ver van de werkelijkheid zijn af komen te staan. Zijn we inmiddels de link tussen het dier en het verpakte filetje zó uit het oog verloren?
Ik las onderstaand berichtje en moest stiekem toch wel een beetje lachen…
Ik mag graag denken dat enkel Amerikanen, met hun ‘over-processed’ voedselindustrie zo kunnen denken, maar ik vrees het ergste… Hoe lang zal het duren voor onze kinderen denken dat de hamburger van McDonald’s uit een potje of pakje komt, en vergeten zijn dat voor dat vlees ook een dier is gestorven?
Ach, dat is wel erg pessimistisch, nietwaar?
Omdat ik in januari jarig was, en omdat het maken van de droge worst zo bevallen is, heb ik een verlaat verjaardagskadootje besteld. Dat kwam gisteren aan.
Eerste indruk: geen foto’s, veel tekst, en veel, heel veel informatie. Ik heb ook al een paar dingen gezien, zoals pancetta, en thuringer braadworst, die ik zeker ga proberen. Leuke aanwinst dus!