Archief van december, 2008

Dec
22
Opgeslagen als groente en fruit, hoofdgerecht, recepten 2008 door Mark op 22 december 2008

"Rode kool?"

"Nee, bóeren-kool."

"Maar die kleur dan?"

"Da’s wat nieuws. Hebben we dit jaar voor het eerst."

"Mag ik wel 2 stronkjes mee?"

Eigenlijk kwam ik voor een paar beukjes, voor onze beukenhaag. Er waren er namelijk een paar kapot gegaan van de zomer, doordat we ze te weinig water gegeven hadden. Niet zo handig, maar gelukkig zijn ze niet zo duur, dus zouden we gewoon wat nieuwe kopen. Dus even naar het dorp.

In het centrum van het dorp waar we wonen zit de lokale hovenier. Naast boompjes, struiken en een- en meerjarige planten heeft hij ook een deel van zijn grond beplant met wat groenten en fruit. Waaronder dus boerenkool. Groene en paarse dit jaar. De paarse stond er  het eerste jaar, dus was ook voor hem nieuw. Ik had het nog nooit in de winkel gezien in elk geval, maar vond het meteen leuk.

En zo kwam het dat ik even later in de keuken sta met paarse boerenkool. Stronken schoonwassen, stelen eraf, en snijden.

Pan met aardappels op het vuur, boerenkool erop, en een pan met gehaktballen ernaast. Want die had ik ook gemaakt. Gehaktballen. Lekkere winterkost derhalve.

Na een half uurtje proefde ik nieuwsgierig of de kool al gaar was. Paars, maar met de smaak van boerenkool. Blijft apart.

Bij het afgieten keek ik even vreemd op: het water was rood! Kennelijk geeft paarse boerenkool nogal wat kleur af aan het water. Meer dan groene kool in elk geval, want het is me nog nooit opgevallen dat het water echt groen is bij gewone boerenkool. Sterker nog: de aardappelen waar zelfs paars! En die heb ik echt nog nooit groen gezien!

Net als bij de paarse sperziebonen raakt de paarse boerenkool na het koken een flink deel van zijn kleur kwijt, en is hij bijna groen geworden. De kleur zit dan dus in het water en in de aardappel. Uiteindelijk dus wel een vreemd gekleurde boerenkool, maar helaas niet het geel van aardappel met het paars van de kool, wat bij groene boerenkool wel het geval is.

Dan de smaak (waar we uiteraard ook erg nieuwsgierig naar waren): die was gewoon erg goed. Suggestie of niet, we hadden beiden het idee dat het lekkerder was dan de groene boerenkool die we normaal uit de supermarkt halen. Wellicht dat het lokaal, en biologisch, gekweekt is? Hoe het ook zij, de smaak was typisch een boerenkool, misschien wat zoeter en zachter.

Nog een keer? Denk het wel, maar dan vanwege de smaak. De kleur is een gimmick en maakt voor de smaak niets uit. Misschien leuk om mee-eters eens te foppen, maar in een stamppot voegt het verder weinig toe. Maar uiteindelijk is het oordeel dus wel positief.

En helemaal vanwege de prijs: €1,50 voor meer dan genoeg biologische boerenkool voor ons vieren is tegenwoordig geen geld.

Ingrediënten

  • 2 stronken paarse boerenkool
  • 1 kilo aardappelen
  • 250 gram mager rookspek
  • melk
  • boter
  • nootmuskaat
  • peper, zout

Bereiding
Schil de aardappelen en snij ze in ongeveer even grote stukken. Doe ze in een flinke pan, en voeg zoveel water toe dat ze net onder water staan. Strooi zout in het water. De hoeveelheid is op gevoel en smaak.

Maar de boerenkool schoon, en snij het blad van de stelen. De stelen kunnen weg. Snij de bladeren klein, was ze, en doe ze met aanhangend vocht in de pan met aardappelen.

Doe de deksel op de pan, en breng aan de kook. Het water van de aardappelen stoomt de boerenkool gaar. Kook in ongeveer 30  minuten de aardappelen en de kool gaar. Proef eventueel even.

Bak intussen de spekjes in een droge pan uit, en laat ze op een velletje keukenpapier uitlekken.

Afgieten, en met de stamper tot stamppot maken. Klontje boter erbij, en zoveel melk dat het een smeuïge stamppot wordt. Breng op smaak met peper en nootmuskaat. Roer de spekjes door de stamppot.

Lekker met een gehaktbal of rookworst en uitgebakken spekjes.



Dec
08
Opgeslagen als hoofdgerecht, oven, recepten 2008, vis door Mark op 8 december 2008

Zalm. Maanzaad. Mandarijn.

Moet kunnen, toch?

Ik was er tijdens het surfen al wel eens tegenaan gelopen, maar was er nog niet aan toegekomen om dat zelf eens te proberen. De combinatie leek me echter wel een bijzondere, en ik was ook wel nieuwsgierig of het inderdaad zo goed bij elkaar pas

tte, als de betreffende sites vermeldden. Dus toen Karin voorstelde om zalm te eten, greep ik de gelegenheid, en de maanzaadjes, aan, om het eens te proberen.

Maar alleen zalm met maanzaad is ook zo simpel. Een beetje smaak willen we wel. Dus maakte ik er een marinade bij. Olie, citroensap, peper, zout, en het sap van een mandarijntje. Aangezien die nu volop te krijgen zijn, leek me dat een leuke toevoeging aan de marinade. Ik probeerde ook wat mandarijnschil te raspen, maar nadat ik mijn knokkels voor de 3e keer schaafde aan de rasp, besloot ik dat dat weinig zou toevoegen aan het recept. Het rook in elk geval al prima.

Zalmmoot erin, en laat maar eens een half uurtje liggen.

De oven voorverwarmd, en de vis verdween in een ovenschaal voor een klein kwartiertje de warmte in. In de tussentijd stonden de krieltjes ook al lekker te bakken, en zette ik de grillpan op het vuur, zodat ik de courgetterepen even kort kon grillen. Niet te lang uiteraard; het mag nog een beetje bite hebben. Slappe courgette is niet zo lekker, en aangezien de repen maar een paar millimeter dik waren, was een halve minuut of zo per kant voldoende om ze warm en beetgaar te krijgen.

Eenmaal aan tafel bleek het een verrassend goede combinatie. De marinade was voldoende zuur om der smaak van de vis wat op te trekken, en de maanzaadjes gaven een bijzonder aroma mee. Ik moet wel zeggen dat het de smaakpapillen niet bepaald overdonderde. Wat dat betreft was het maar goed dat de courgette ook een subtiele smaak heeft. Misschien dat het gebruik van wat extra zout geholpen zou hebben, om de smaa van de zwarte zaadjes wat te intesiferen.

Conclusie: leuk om eens gasten te verrassen met een anders-dan-anders uitziend stukje zalm. Erg makkelijk om te maken ook. Kan me niet voorstellen dat er mensen zijn die het niet lekker zullen vinden, dus ook een betrekkelijk veilig gerecht om voor te schotelen.

(Maanzaadjes zijnoverigens prima te krijgen bij de Jumbo supermarkten, tussen de zakken meel-mix voor zelfbak-broden. Tip: neem dan ook een zak sesamzaadjes mee. 400 gram voor maar €1,40. Ter vergelijk: bij de Albert Heijn kost een bakje van 90 gram zaadjes €1,99! )

 Ingredienten

  • 1 zalmmoot per persoon
  • maanzaadjes
  • 2 eetlepels olijfolie
  • 1 theelepel rode wijn azijn
  • 1 theelepel citroensap
  • sap van 1 mandarijn
  • zout & ruim peper

Bereiding:
Maak een marinade van de olijfolie, de azijn, het citroensap, sap van de mandarijn en zout en peper. Laat de vis hierin minimaal een half uurt marineren. Vet een ovenschaal in, neem de zalm uit de marinade, en paneer hem met maanzaad.

Verwarm de oven op 175 graden, en gaar de vis in een ondiepe ovenschaal gedurende een kwartiertje.



Dec
02
Opgeslagen als hoofdgerecht, pasta, recepten 2008, vlees door Mark op 2 december 2008

Na het eerste succes kon het natuurlijk niet lang uitblijven: er zou worst gemaakt worden.

Dus de gang naar de slager gemaakt, en op advies van Jurgen de slager gevraagd om een procereurstuk. Dit keer geen vreemde blikken meer als reactie op mijn vraag. Blijkbaar kennen ze me nu een beetje. Hopelijk niet onder de kop ‘lokale dorspgekken’, maar als meer dan bovengemiddeld geinterresseerde consument, a.k.a. part-time worstendraaier.

Het idee dit keer was een Italiaanse worst te maken. Mijn onuitputtelijke bron van informatie, door anderen ook wel Google genaamd, verschafte mij het benodigde inzicht, in welke kruiden daarvoor in aanmerking komen.

Venkelzaad blijkt in Italiaanse worsten dan toch het meest voorkomende kruid te zijn. Het toeval wil dat ik dat al in huis had. Geen idee welk gerecht ik voor ogen had toen ik het meenam, maar goed, we hádden het, en daar gaat het om.

Het principe van worstmaken met de Porkert is vrij eenvoudig: vlees in grove stukken snijden, aanvriezen, malen, kruiden en mengen, nogmaals koelen, en weer met behulp van de Porkert het een en ander in de voor dat doel aangeschafte varkensdarm persen. Kind kan de worst maken.

En zo stond ik aan het eind van de bewuste zondag-namiddag weer met ruim anderhalve meter worst. Verdeeld in 3 porties, en hup, de diepvries in met 2/3e, en de rest voor vanavond.

Ik had dus een Italiaanse worst gemaakt. En wat is er nu meer Italiaans dan pasta?

Grote pan water opgezet, voor de spaghetti. Uit de kelder een pot basis-tomatensaus (multi-inzetbaar, ook voor al uw pizza’s!) en wat groente bij elkaar gesprokkeld, uit de voorraadkast, diepvries, koelkast en tussen de uien.

 Conclusie: lekkere worst, prima smaak, maar de structuur nog iets te los. Misschien nog een tweede keer malen, om het gehakt wat fijner te krijgen? Of moet er nog iets meer paneermeel of andere vulling door? Ben er nog niet achter, maar dat is slechts een kwestie van tijd…

Ingredienten

  • 500 gr spaghetti
  • 1 pot basistomatensaus
  • 400 gram groenten naar keuze
  • 800 gr varkensvlees (Procereurstuk)
  • 200 gr spek
  • 100 ml rode wijn
  • 50 gr paneermeel
  • 2 teentjes knoflook
  • 1 ui
  • 1 theelepel venkelzaad
  • 0,5 theelepel zwarte peper
  • 0,5 theelepel oregano
  • heel klein beetje piment
  • 2 theelepels zout
  • 1,5 theelepel rode wijn azijn

Bereiding

Fruit de ui met de rode wijn azijn, op laag vuur, tot ze mooi bruin zijn. De azijn zorgt ervoor dat de uitjes lekker zoet worden.

Snij het vlees klein, en vries een uurtje in. Eventueel kun je voor het vriezen al kruiden toevoegen, maar dat kan uiteraard ook na het vermalen nog. Maal na het vriezen het vlees met de vleesmolen klein, en meng met de wijn, paneermeel, en de kruiden, voorzover je dat nog niet gedaan hebt. Met het worstopzetstuk de worst vullen. Verdeel de lange worst in kleinere worsten, en leg een half uurtje in de koelkast, tot de darm niet meer plakt.

Zet een pan water op het vuur, en kook hierin de pasta ‘al dente‘. Roerbak de groenten op hoog vuur, tot ze beetgaar zijn. Zet het vuur lager, en voeg de tomaten-saus toe. Breng op smaak met peper, zout en eventueel nog wat kruiden naar keuze.

Lekker, met een glas van de wijn waarmee je de worst ook hebt gemaakt.