Archief van september, 2008

Sep
30
Opgeslagen als hoofdgerecht, pasta, recepten 2008 door Mark op 30 september 2008

Ik had het beloofd in een van de commentaren. En als je iets beloofd, moet je het ook doen. Dat is althans wat mijn ouders mij hebben geleerd. En aangezien ik toch al een tijd niets meer geschreven heb, is dit een goed moment om die belofte eens in te lossen, zodat dat kleine stemmetje in mijn achterhoord ook kan stoppen met zeuren.

Daarom vandaag een stukje over verse pasta.
Pasta al forno.
Lasagne we can believe in.

Of zo.

Oh nee, dat laatste grapje is onlangs al een keer gemaakt, dus schrap die maar.

Lasagna di pasta fresca dan maar. Klinkt Italiaans en moeilijk, maar is in feite heel makkelijk: lasagna van verse pasta.

Nu zijn er voor pasta net zoveel recepten als dorpjes in Italie. Misschien wel net zoveel als er mama’s in die dorpjes in Italie zijn. Maar de basis, daarover is iedereen het wel eens: pasta maak je van harde tarwe, met per 100 gram bloem 1 ei. Niet meer, niet minder. Hoe makkelijk kan iets zijn? Nou, laat die mama’s er maar op los! Dan komen er ineens allerlei andere ingredienten bij, die het allemaal weer net even anders maken!

Harde tarwebloem, zachte tarwebloem, ei, ei-dooiers, zout, olijfolie, water, tomatenpuree, inktvisseninkt, spinazie, basilicum, kruiden, en wie weet wat je er nog meer door kunt kneden. En allemaal om die ene, voor de kok perfecte, pasta te maken.

Keuzes, keuzes, keuzes. Die het allemaal weer net dat beetje moeilijker maken, en de aandacht afleiden van de essentie: zelf pasta maken is niet moeilijk, maar leuk, en minstens zo lekker als de gedroogde pasta in de winkel. In elk geval stukken lekkerder dan die meuk die Honig macaroni durft te noemen.

Als basis voor een lekkere pasta hebben we uiteraard bloem nodig. Meer specifiek: bloem van harde tarwe. Te koop onder diverse namen zaols ‘farine de blé dur’, ’semola rimacinata’, ‘farina di grana duro’. Varianten voor: griesmeel van harde tarwe. Diverse merken bieden het aan, zoals De Cecco (bij de Jumbo), Soubry (bij de groothandel) of in zakken van onbekende merken bij mediterane winkels.

Als je maar een enkele keer zelf je pasta maakt, is de De Cecco prima. In een zak van 1 kilo (maak je een keer of 3 pasta mee), voor rond de €2.-. Ik heb zelf altijd een zak van 5 kilo, gekocht bij Le Souk, in Groningen. Kost verhoudingsgewijs minder (€7,50), maar is ook meteen een grotere voorraad. Gelukkig is het lang houdbaar!

Neem 100 gram bloem per persoon als uitgangspunt. Voor grote eters neem je 150 gram. Per 100 gram bloem heb je 1 ei nodig. Dus voor 400 gram bloem, 4 eieren. Voeg daar 5 gram zout aan toe en een scheutje olijfolie, om het deeg soepel te houden. Kneed hiervan een deeg, vorm er een bal van, verpak het in huishoudfolie, en laat het minimaal een half uur rusten in de koelkast. Op die manier kan het vocht van het ei goed in het deeg trekken. Het lijkt misschien alsof we weinig vocht toevoegen, en dat is ook zo. Maar in het geval van verse pasta is teveel vocht juist erg lastig, want dat maakt het deeg alleen maar plakkerig.

Na even te hebben gelegen, verdeel je het deeg in handzame porties. Zonder pastamachine maak je er met de deegroller platte schijven van, op een goed ingebloemd werkblad. Uiteindelijk wil je je deeg lekker dun hebben. 1 of 2 mm denk ik dan aan. Dat gaat met een pastamachine toch een stuk makkelijker, en ach, als je ziet dat die al voor €14,95 nieuw te koop zijn, dan is dat ook wel een bedrag om overheen te komen, nietwaar?

Draai het deeg een paar keer op stand 1 door de pastamachine. Hierbij vouw je het deeg iedere keer dubbel in de lengte, voor je het erdoor heen draait. Doe dit een keer of 5 - 6, tot je een mooie, gladde lap hebt. Dan vouw je hem niet meer dubbel, maar zet je de pastamachine op 2 en draait hem er 1 keer doorheen. Dan op standje 3, dan 4 en eindig voor lasagne op 5. Bestuif het deeg ondertussen regelmatig met bloem, om te voorkomen dat het plakkerig wordt. Voor tagliatella of spaghetti zou je nog door kunnen gaan tot 6 of 7 afhankelijk van je voorkeur. De pasta zwelt overigens nog wel op in de pan, dus hou daar dan rekening mee.

Voor lasagna snij je er nu mooie rechthoekige lappen van, zodat ze mooi in je ovenschaal passen. Spaghetti en tagliatella bestuif je met bloem, en laat je eventueel nog even drogen. Ik gebruik hiervoor een bezemsteel die ik ophang, maar er zijn ook speciale pasta droogrekjes te koop.

Wil je rood deeg? Laat 1 ei weg, en gebruik een half blikje tomatenpuree. Voor groene pasta 1 handje goed uitgeknepen/uitgelekte diepvriesspinazie. Zwarte pasta maak je met inktvisseninkt, maar ik heb geen idee waar je dat kunt kopen…

En dan? Dan kun je alle kanten op met je eigen, verse pasta. Maak er lasagne mee, of ravioli, of tagliatella met beukennootjes. Het wordt immers alweer een beetje herfstig!



Sep
16
Opgeslagen als En dan dit..., Overig door Mark op 16 september 2008

Eind augustus zijn we een weekje op vakantie geweest. Niets indrukwekkends, gewoon een weekje in de Eifel gebivakkeerd, om even weg te zijn van thuis, lekker te ontspannen, en vooral niet te klussen.

We zouden op zaterdag aankomen, maar die dag vierde mijn moeder ook haar 60e verjaardag. We besloten e.e.a. te combineren, en op vrijdag al richting Limburg te rijden, bij mijn broer te logeren, zodat we op zaterdag nog even het feest konden meepikken, en daarna naar ons vakantie-adres konden doorrijden.

Limburg dus. Want ja, al woon ik in Drenthe, mijn wortels liggen in Limburg. Zuid-Limburg dan ook nog. Een kilometer of 3 van de Belgische grens, in een klein plaatsje, Mechelen. Daar bestaan er 3 van, waarvan 2 in België, en eentje dus in Nederlands Limburg.

Enfin, het feest op zaterdag was heel gezellig, en voorzien van de gebruikelijke Limburgse vlaai, koffie, en de nodige hapjes en drankjes. Zo tegen een uur of 5 ’s middags besloten we dat het nu toch echt tijd was om naar de Eifel te rijden. Vanuit het huis van mijn ouders was het nog een anderhalf uur rijden, dus dat viel mee.

Kids in de auto geladen, navigatie op het juiste adres gericht, en klaar voor vertrek!

Mijn moeder schoot ineens te binnen, dat ze nog iets voor me had gekocht, waarvan ze weet dat ik het enorm lekker vind, maar dat het in Drenthe niet te krijgen is. Een klein pakje, verpakt in aluminiumfolie, in een zakje, in een zakje, in een zakje.

Dat zijn inderdaad 3 zakjes.

Niet voor niets.

Het was namelijk een blokje Limburgse kaas.

En Limburgse kaas geurt een beetje.

Beetje veel.

Stinkkaas heet het soms ook wel.

Maar: gecombineerd met een snee onvervalst Limburgs ‘zwartbrood’ en appelstroop, is het een onverslaanbare lekkernij!

Dat zwartbrood, een "bölke" ofwel bolletje, is een roggebrood. Niet zoals het Friese, dat gemaakt wordt van een zeer grove maling van de rogge, en dat ondanks een uur bakken nog wat vochtig blijft, en niet gerezen is. Nee, Limburgs roggebrood is van fijn roggemeel gemaakt, en met behulp van een zuurdesem licht gerezen. Ook lang gebakken, dat dan weer wel, maar uiteindelijk veel meer een gewoon brood.

Het is wat droger dan gewoon brood, vandaar dat het in dunne plakken wordt gesneden. Door het zuurdesem is het ook lang houdbaar, en is het zelfs na een paar dagen nog prima eetbaar. Zwartbrood is trouwens ook een wat misleidende naam, want het is niet echt zwart. Donkerbruin is het brood.

Ik pakte 2 sneetjes van het brood, smeerde er een lik appelstroop op, en pakte de Limburger. Van Nelle had ooit een koffiereclame, met als slogan "Het aroma komt je tegemoet, zodra je het pakje opendoet." Dat was ook hier wel van toepassing! De bijnaam van deze kaas is zeker niet onverdiend!

Maar een paar plakken op brood, en smullen! De nogal intense geur even terzijde, is het een zachte kaas, met een vol aroma. Licht zuur, wat noot-achtig, en romig. Op kamertemperatuur komt hij het best tot zijn recht. De schil kun je gewoon mee op eten.

Voor eenieder die ooit in de buurt van Maastricht komt dus: ga naar een kaasboer, of zelfs gewoon in de supermarkt, en pak een pakje Limburger, Herve, of een Rommedoeke.  3 namen voor hetzelfde product. Pak er dan meteen een zwartbrood en een pot appelstroop bij.

Wel een tip: probeer met je vingers van de kaas af te blijven, want die geur krijg je er niet zo makkelijk vanaf… Maar ach, je moet er wat voor over hebben, toch?



Sep
12
Opgeslagen als hoofdgerecht, vlees door Mark op 12 september 2008

Een tijdje terug plaatste ik  een berichtje over Marco Pierre White en koken met Knorr. Ik verbaasde me daarin dat op advies van een 3-sterren kok at een mooi stuk vlees ingewreven wordt met een pasta van een Knorr bouillon blokje en olijfolie.

Dat van die olijfolie snap ik: je smeert het vlees in met olijfolie, laat een pan heet worden, en legt het vlees erin. Zou je de pan heetmaken mét olie, dan verbrandt de olie, en krijgt het vlees een frituursmaakje. Klinkt logisch, en dat is het ook.

Maar dat bouillonblokje, he…

In de commentaren daagde Robin me uit. "Doe eens testen?" schreef hij. Wie de schoen past, trekke hem aan, dan maar.

Ik kocht bij een lokale boer 2 mooie entrecotes. EKO-vlees, dus biologisch. Nederlands rundvlees, in Nederland geslacht.  Ik liet het vlees op kamertemperatuur komen, en bestrooide 1 stuk met enkel peper, zout, en olijfolie, en maakte voor de ander het papje, en smeerde het vlees daarmee in.

Hte linkerstukje is ingesmeerd met de pasta, de rechter met zout en versgemalen peper. Nog geen verschillen te zien. Wel dat het vetrandje voor mij persoonlijk nog wel iets dikker had gemogen. Maar goed, ik ben niet de slager…

Ik verhitte 2 gelijke pannen, op gelijke pitten, en ongeveer gelijke hitte. Toen de pannen mooi heet waren, heb ik beide stukjes vlees erin gelegd. 2 tot 2,5 minuut per kant gebakken, en nog een paar minuten op een bordje laten rusten. Dat gaf meteen mooi de gelegenheid voor een foto.

Wederom links de Knorr-steak, en rechts de klassieker. Amper verschil. Subtiel verschil wellicht, is dat de Knorr variant wat gecarameliseerder lijkt. Maar dat verschil is dermate klein, dat het wat mij betref tte verwaarlozen is.

Een uurtje eerder had ik een kleine kilo Roseval aardappelen in kwarten gesneden, en,  besprenkeld met wat olijfolie, peper, zout en rozemarijn in een grote braadschaal in de oven geplaatst. 175 graden, en af en toe omscheppen. Na een uurtje waren ze mooi goudbruin en gaar. Stiekem even proeven, uiteraard. Superlekker!

Dan het moment van de waarheid: zou het uitmaken?

In eerste instantie viel me op de vleessmaak op. Bij beiden. Prima vlees, goed op smaak, en lekker mals. Ook lekker sappig. En dat heeft niets te maken met "dichtschroeien", maar dat had ik al eens uitgelegd

Een hap van de een, gevolgd door een hap van de ander. En nog eens, en nog eens…

Het verschil is niet zo groot als ik had verwacht. Subtiel zelfs. Ik had verwacht dat de smaak van het bouillonblokje de smaak van het vlees zou overstemmen, en dat je alleen dat zou proeven. Maar dat blijkt dus mee te vallen. En eigenlijk, ja, ik durf het haast niet toe te geven: het is best lekker.

Sterker nog: ik ben geneigd het met hem eens te zijn. Er mist wat peper, maar zeker geen smaak. Het geeft een licht zoete smaak, met wat meer verdieping erin. De smaak van het vlees wordt niet overstemd, en dat is eigenlijk het belangrijkste. Want dat zou het meest zonde zijn.

En dat had ik niet verwacht. Ik begon hier wat sceptisch aan, en verwachtte het "gewone" vlees lekkerder te vinden. Maar niet dus. Geen wereld van verschil, maar zeker de moeite waard, om dit in nog eens te proberen, met bijvoorbeeld een biefstuk. Of waarom niet met een kipfilet? Dan wel even insmeren met kippenbouillonblokjespasta!

En voor de volledigheid: de Knorr-tabletjes bevatten geen e621, dus daar zal het niet aan hebben gelegen…



Sep
11
Opgeslagen als En dan dit..., vlees door Mark op 11 september 2008

Ik dacht dat dat sprookje inmiddels toch al wel ontzenuwd was…

En voor wie nog niet overtuigd is, is er dit:

Vanaf 4:00 minuten even kijken.

I rest my case…



Sep
08
Opgeslagen als recepten 2008, vlees, voorgerecht door Mark op 8 september 2008

Ik was er niet eens naar op zoek. Struikelde er over. Las het een keer door, en dacht "Hé, da’s leuk voor een druilerige zondagmiddag!"

En wat wil het toeval: gisteren wás zo’n druilerige zondagmiddag.

Achter het huis stonden stonden nog wat pallets op me te wachten, die ik had gekregen van onze huisschilder, klaar om verwerkt te worden tot haardhout. Ze stonden er al een tijdje, en ik besloot dat het nu toch echt tijd was om ze uit elkaar te halen, en te verzagen. Het is nu nog niet echt koud, maar dat wordt het ongetwijfeld wel weer, en dan zitten we er toch graag warmpjes bij.

De middag begon aardig. Af en toe wat zon, maar meer wolken dan blauwe luchten. Affijn, 4 pallets verwerkt, en er stond nog een oude blankhouten kast op me te wachten. Nadat ik het Ikea-geval uit elkaar had gehaald, en halverwege was met het zagen tot handzame delen, besloot men boven mij de hemelsluizen te openen.

Binnen no-time was mijn rug nat, en dit keer niet van het zweet, maar van de vele druppels die met behulp van de zwaartekracht hun weg naar beneden hadden gevonden. Normaal niet zo’n punt; regenjas aan, en ik klus nog wel even verder.

Maar nu stond ik met een electrische cirkelzaag in handen, en … ach, ik hoef denk ik niet uit te leggen dat 220 volt en water geen goede combinatie maken.

Dus, spullenboel maar opgeruimd en naar binnen.

Jongste spruit ligt op bed. Oudste ligt op de bank, voor de tv, en ‘de vrouw’ zat even achter de pc. Mooi moment om dat recept eens uit te proberen.

Ik had me namelijk voorgenomen om eens een broodje bapao te maken. Voor die enkeling die het niet kent: een gestoomd, wit broodje, met een vulling van (meestal) gekruid varkensvlees. Te koop bij de vietnamese loempia-bakkers, en in het vriesvak van menig supermarkt. Die eerste zie ik niet zo vaak, en die tweede neem ik wel eens mee naar huis.

Lekker als hartig tussendoortje.

Grote vraag blijft alleen: die vulling. Wat zit daarin? De diepvriesbroodjes hebben vaak een donkere, ondefinieerbare massa van binnen, waar vlees en uitjes nog wel te proeven, maar niet te herkennen zijn. Maar goed, kniesoor die dat gaat zitten analyseren.

Bij zelfgemaakte weet je in elk geval wél wat er in gaat, al blijft ook hier het gehakt een wat onzekere factor: het vlees is immers al voor je gemalen. Maar zolang ik nog geen eigen gehaktmolen heb, zal ik het ermee moeten doen.

Voor de gelegenheid Chinees 5 kruiden poeder gekocht, en zwarte sojasaus had ik
nog staan. Kikkoman. Uit Oost-Groningen! Ach, dat is ook een beetje oosters, toch?

Om te stomen gebruikte ik onze pastapan met inzet. Onderop een bodem (halve liter) water, aan de kook brengen, en inzet erin. Op de bodem van de inzet weer een cirkel van bakpapier. Wel af en toe controleren of het niet droogkookt, maar een halve liter water bleek met de deksel op de pan, genoeg voor minstens 20 minuten stoom, en zolang moeten de broodjes ook. Prima oplossing dus.

En de smaak? Net echt! Het broodje is wat steviger dan die uit de diepvries, maar dat zal liggen aan de hoeveelheid bakpoeder. Dat zullen we in een komende periode nog eens verder testen. Geen reden om het recept niet te posten in elk geval.

Ik gebruikte overigens bakpoeder, omdat dat ervoor zorgt dat het deeg rijst, als de temperatuur stijgt. Aangezien ik 12 broodjes maakte, en er slechts 4 tegelij in de pan konden, zouden ongebakken broodjes met gewone gist misschien te ver doorrijzen.

Ingredienten

  • 500 gram bloem
  • 75 gram (riet-)suiker
  • 1 zakje bakpoeder
  • 2 eiwitten
  • 150-175 ml water
  •  
  • 300 gr gehakt
  • 1 uitje
  • 1 teentje knoflook
  • chinese sojasaus
  • chinees 5 kruiden poeder
  • sambal
  • 1/2 bouillionblokje
  • 3 eetlepels zonnebloemolie
  • 1 eetlepel sesamolie (optioneel)
  • peper

Bereiding
Verhit wat olie in een pan, en fruit hierin het uitje glazig. Snipper de knoflook fijn, en bak even mee. Voeg dan het vlees toe. Bak het vlees rul, en als het bijna gaar is, doe er een scheut sojasaus bij, dan wat 5 kruidenpoeder, het halve bouillonblokje, beetje sambal en wat versgemalen zwarte peper. Proef, en als de smaak goed is, kun je eventueel nog een eetlepel sesamolie door doen.

Laat dit afkoelen.

Meng het water, de eiwitten en de suiker, en zorg dat de suiker goed opgelost is. Meng de bloem met het bakpoeder. Voeg het water/ei mengsel toe, en kneed het geheel tot een soepel deeg. Verdeel dit in porties van ca. 75 gram.

Rol met een deegroller elke portie uit tot een ronde, platte schijf van een centimeter of 10 in doorsnee. Leg 1-2 eetlepels vulling erop, en vouw dicht. De vouw komt aan de onderkant.

Stoom de broodjes met behulp van een stoompan, of pastapan met inzet, in 20 minuten gaar.

Lekker met chilisaus!

Of doe ze individeel in een diepvrieszakje, en vries in. Dan zijn ze met de magnetron in een paar minten eetklaar!



Sep
04
Opgeslagen als groente en fruit, recepten 2008 door Mark op 4 september 2008

Ik kom jammer genoeg niet zo vaak op de markt. Ik vind het namelijk altijd erg leuk om te kijken wat er allemaal aan etenswaar ligt, die je in de supermarkt niet zo snel ziet. Op de markt heb je immers nog echte groentehandelaren. En kan een startend ondernemer makkelijk de eerste schreden op zijn commerciele pad zetten.

Afgelopen zaterdag wél tijd gehad. En even gestruind, met vrouw en kinderen, over de markt in Assen. Geen wereldstad, geef ik toe, en ook geen exotische markt. Maar toch leuke dingen gezien, ideëen opgedaan, en thuis gekomen met leuke spulletjes.

Zo kocht mijn vrouw bij een indonesische kraam verse gember, en kregen we en passant van een van de klanten adviezen over hoe om te gaan met gember, en wat er nog meer allemaal voor lekkers lag. Chinese aardappeltjes, okra, bakbananen, en nog een scala aan dozen en bakken, met dingen die er in eerste instantie wat buitenaards uitzien, maar ongetwijfeld heerlijk zijn om te eten (mits op de juiste manier klaargemaakt, uiteraard).

Bij de groenteboer kozen we trostomaten (waren in de aanbieding, we blijven Hollanders…). Een spitskool (lekker roerbakken, met wat spekjes en kerrie!) ging mee. En 2 koolrabi’s.

"Knolraap?" vroeg mijn vrouw?

"Koolrabi!"

Ik zag haar een beetje vreemd kijken. Ze had er nog nooit van gehoord, laat staan gegeten.

Mijn moeder maakte dit toen ik nog een klein menneke was wel vaker. Maïzena sausje erbij, met aardappels, en braadworst. Niks bijzonders dus. Maar ik denk dat het al zeker een jaar of 20 geleden was, dat ik het voor het laatst had gegeten. De smaak zat nog ergens ver weg verstopt in mijn geheugen, en overtuigde mij ervan dat ik het lekker vond.

Uit nostalgische overweging dus 2 knollen meegenomen. Thuis even gespiekt op internet, voor de bereidingswijze. Schillen, snijden, koken. Sausje erover. Klaar. Rauw in een salade had ook gekund. Maar we kozen voor de gekookte variant. Met een mosterdroomsaus.

Na de eerste hap verdrongen de herinneringen zich, om als eerste naar boven gehaald te worden. Beelden van mijn ouderlijk huis, met zijn allen aan tafel. Beetje onderling plaagstootjes uitdelen. Zien wie het meest ad rem een antwoord klaar heeft. Hongerige magen. Hete pannen. Een schaal met koolrabi. Een grote braadworst van ruim een kilo, die amper genoeg was voor ons 5-en. Klinkt als heel veel, maar als je 16 bent, en dagelijks een kilometer of 20 op de fiets zit, en druk bezig bent met opgroeien, dan is een stukkie worst van 250 gram niet zó veel.

Vroeger. Ineens voel ik me oud…

De smaak was in elk geval precies zoals ik dat op de markt ook al in gedachten proefde: zacht, fris, en een beetje een kruising tussen bloemkool en radijs. Lijkt een vreemde combinatie, maar dat is het niet.

De mosterdsaus was in eerste instantie wat te sterk van mosterdsmaak, en nogal overheersend, ten opzichte van de kool rabi, maar met een scheutje extra melk was dat ook opgelost, zodat de smaak van de kool rabi niet naar de achtergrond gedrukt wordt.

Van vergeten groente, naar herinnerde groente, dan maar?

Ingrediënten
1/2e kool rabi per persoon
25 gram boter
25 gram bloem
250 gram melk
100 gram room
1 eetlepel grove mosterd
peper & zout

Bereiding
Schil de koolrabi, en snij het groene deel weg. Snijd de knollen in plakken, en vervolgens in blokjes, ongeveer ter grootte van een dobbelsteen.

Kooktijd is ongeveer 10 minuten, met wat zout.

Maak van bloem en boter een roux, en voeg de melk toe. Goed roeren tot de klontjes weg zijn. Aan de kook brengen en dik laten worden. Room naar smaak toevoegen, evenals de mosterd. Afmaken met peper en zout.

Lekker met een braadworstje en gekookte aardappelen. Wij aten er Santa Fé aardappelen bij, van de boerderij in Veenhuizen. Onbespoten, en zonder kunstmest geteeld. Erg lekker!



Sep
01
Opgeslagen als En dan dit... door Mark op 1 september 2008

Augustus zit erop. Net als de zomervakantie van 2008. Helaas…

Maar vandaar dat er iets meer dan een weekje geen berichten verschenen op het blog. Ik had wel iets willen posten, maar op de plek waar we zaten, hadden we niet de beschikking over een internetverbinding, dus was ook dat wat lastig.

Wel had ik stille hoop, dat er bij terugkomst nog wat bijdragen voor het eetlog event in de mail, danwel in de reacties zouden zitten. Dat valt dan toch een beetje tegen. Misschien dat het nog wat onbekend is, of dat er eigenlijk geen behoefte is aan een dergelijk georganiseerde activiteit. Of zal de oorzaak toch liggen aan het feit dat het zomervakantie was? En dat de meeste bloggers liever zichzelf op het strand zien, dan in de keuken?

Wie het weet mag het zeggen.

Maar we gaan gewoon door, en wie weet trekt een nieuw onderwerp nieuwe inspiratie aan, en zien we een stijging in het aantal deelnemers.

In elk geval moet nu uit de beschikbare inzendingen een keuze gemaakt worden, om het thema van september bekend te maken.

Aangezien ik zelf augustus bedacht heb, en eetlog.nl in juli de gelukkige winnaar was, gaat de eer naar bourgondie.nl. Die zit nu zelf al meer dan een week op een strand op Kreta, dus heeft ruim voldoende tijd om eens na te denken over wat we in september gaan doen! Ik ben benieuwd!

Overigens: strand, zon, Kreta.. Iemand een recept met kreeft?