Archief van augustus, 2008

Aug
19
Opgeslagen als En dan dit... door Mark op 19 augustus 2008

Halverwege augustus, en dus halverwege de weg naar de eindstreep van augustus. "Welke eindstreep?", denkt u wellicht. 

Nou, de eindstreep die hoort bij het foodblog event van de maand augustus: Strand.

Een flink aantal blogs hebben in juni een uitnodiging gekregen, om toch maar vooral mee te doen, aan wat hopelijk een breed gedragen gebeuren wordt: elke maand verzint een van de deelnemende blogs een thema, en eenieder mag zich daar naar hartelust culinair op botvieren.

De aftrap was in juli, met het thema ‘Picknick’, gevolgd door augustus, met het thema ‘Strand’.

Helaas blijft het aantal deelnemers wat beperkt tot nu toe. Onder de meet hebben nu 3 blogs een bijdrage geleverd: ondergetekende, bourgondie.nl, en eetlog.nl.

Een wat schrale oogst(*)…

Dat kán niet alleen beter. Dat móet beter!!

Eet-bloggers der Lage Landen, vereenigt en staat allen op! Kom naar dezen magischen pleck, en houw uw bijdrage in het virtuele graniet, der on-line culiscenaristen!

Ofwel: kom op met die mooie verhalen, recepten en gerechten! Nog 2 weken te gaan nog maar!

(*)Het aantal, niet de kwaliteit van de blogs!



Aug
17
Opgeslagen als En dan dit... door Mark op 17 augustus 2008

Mijn vrouw maakte vandaag een heerlijke boerengroentensoep (mét balletjes!). Met vermicelli-letters. Leuk voor de kinderen.

Tuurlijk…



Aug
15
Opgeslagen als En dan dit... door Mark op 15 augustus 2008

Mag ik even voorstellen: Marco Pierre White.

Voor zover deze naam geen belletjes doet rinkelen, in het kort zijn curriculum vitae:
- geboren in Engeland, nabij Leeds, in 1961;
- eerste baantje in The Box Tree Inn (2 Michelin sterren);
- gewerkt met Albert Roux, Raymond Blanc en anderen;
- leermeester geweest van Heston Blumenthal en Gordon Ramsay;
- op zijn 33e had hij zelf 3 Michelinsterren, als jongste Britse kok ooit;
- eigenaar van diverse restaurants, en zo’n 50 miljoen pond "waard".

Niet de minste dus.

En met die wetenschap in het achterhoofd, kijk je toch met gemengde gevoelens naar de filmpjes, die bij zijn zogenaamde ‘Litte Black Book’ horen.

Die fimpjes zijn hier te vinden : http://www.knorr.co.uk/

En dat verklaart wellicht ook meteen die gemengde gevoelens. Dat adres is dus niet iets van mpw.co.uk, of marcosblackbook.com, maar de homepage van de fabrikant van bouillonblokjes…

Een 3 sterren kok, die zich inlaat met een Unilever dochter, en een site presenteert, met kooktechnieken, recepten en filosofieen, ondersteund door blokjes gevriesdroogde bouillon.

Begrijp me niet verkeerd: de man heeft absoluut verstand van koken, anders had hij nooit die 3 sterren gekregen! En hij geeft ook zonder twijfel verstandige adviezen. Hoe je binnen 10 minuten een diner op tafel kunt zetten, bestaande uit lekker stuk vlees en een salade, bijvoorbeeld. Of hoe je het beste risotto kunt maken, en dat je daarvoor beter gebruik maakt van een plastic spatel, en niet van een houten lepel. Omdat hout namelijk allerlei smaakstoffen opneemt, en misschien ook weer afgeeft, op het moment dat je dat niet kunt gebruiken.

Zinnig advies dus.

Maar dat je dat vlees insmeert met een mengsel van olijfolie en een bouillonblokje, doet mij toch mijn wenkbrauwen fronzen en twijfelen aan de mentale gesteldheid van de presentator en het doet me twijfelen of ik het geboden advies wel moet volgen.

Ik ga (nog) niet zo ver, dat ik het nu als blasphemie ga betitelen, maar het algemeen geldende beeld is natuurlijk toch dat je als chef-kok geen kant-en-klaar blokjes gebruikt, maar gewoon je eigen bouillon trekt. Als thuiskok mag je daar uiteraard van afwijken; wie heeft er tegenwoordig immers zelf nog te tijd voor?

En toch beweert Marco, of MPW zoals hij in de Britse media genoemd wordt, dat hij steaks heeft gehad in top-restaurants, maar dat die nooit zo lekker zijn als zijn eigen, met Knorr ingewreven variant.

Enerzijds is een deel daarvan te verklaren middels de ingredientendeclaratie van Knorr zelf. De magische letter/cijfer combinatie E621 lijkt daarin een centrale rol te spelen. Verder bestaat zo’n blokje  uit wat zout, kruiden, specerijen en, afhankelijk van de soort, kippenpoeder, runderpoeder, of iets derfgelijks.

Maar: E621, de befaamde/beruchte smaakversterker, zou een grote rol kunnen spelen in de beleving dat het stukje vlees beter smaakt. Dit, in combinatie met voornoemde kruiden zou de verklaring kunnen zijn.

Op een rationeel niveau kan ik het dus wel enigzins plaatsen. Het past alleen niet zo in het wellicht wat te romantsiche beeld dat ik had van een sterren-chefkok, die in mijn beleving toch een beetje staat voor het pure, natuurlijk koken, op hoog niveau.

Dat wil niet zeggen dat er geen gebruik mag worden gemaakt van nieuwe methoden, technieken of ingredienten. Een Heston Blumenthal is hier een lichtend voorbeeld van. Maar een klassieke chef?

Affijn, ik zou zeggen: bekijk de site, zie de filmpjes, en oordeel zelf.

Ondertussen ga ik even langs de supermarkt, voor 2 mooie stukjes vlees, en een pakje bouillon blokjes van Knorr. Want die van Honig zijn natuurlijk niet ‘the real thing’!

De uitkomst laat ik nog wel weten…



Aug
11
Opgeslagen als recepten 2008, voorgerecht door Mark op 11 augustus 2008

Wie ook maar een beetje het nieuws volgt zal het gevoel wel herkennen: het lijkt wel alsof je een vreemde niet meer kunt vertrouwen. Diefstal, mishandeling, of gewoon ronduit naar gedrag komt zo vaak voor, dat het haast normaal begint te lijken.

Dan ben ik soms blij dat wij in een wat minder verstedelijkt gebied wonen. Zo’n gebied met bossen, boerderijen en weilanden. Niet van die door het Kadaster uitgemeten lappen grond, maar een streek waarbij de boeren nog in overleg met de natuur hun afrastering hebben geplaatst. Weilanden die een beetje grillig lopen. Niet mooi vierkant, maar ook wel eens taps, scheef en voorzien van ruime hoeveelheden kreupelhout.

Een provincie met fietspaden tussen bermen vol met bloeiende planten. Soms fiets je hele stukken tussen de natuur, zonder ook maar een levende ziel tegen te komen.

En zo fiets je door dorpjes, waar nog een sfeer hangt van ons kent ons, en waar mensen nog gewoon ‘Moi‘, de Drentse variant van ‘Hoi’, tegen elkaar zeggen.

Onze kinderen zijn gek op fietsen. Nou ja, papa en mama doen het feitelijke fietswerk, en zoon- en dochterlief zitten wel lekker achterop, in het kinderzitje. Afgelopen zaterdag was ook zo’n dag. Mooi weer en droog. Mijn vrouw had het avondeten al klaargemaakt. Een eigen variant op Pilov (of is het Pilav?). Zal eraan denken dat recept ook eens te plaatsen.

We hadden dus een uurtje over. Kindertjes de jas aan, en de fietsen gepakt. Niet echt een doel voor ogen, enkel een globaal idee van richting. We hadden ons voorgenomen een kilometer of 20 te gaan fietsen. Een uurtje dus.

We waren zo ongeveer halverwege de geplande afstand. We fietsten door Veenhuizen. Een bijzonder dorp, en daarmee overdrijf ik niet. "De imposante woningen langs de Veenhuizer vaart, op de gevel voorzien van stichtelijke spreuken als ‘Werk en Bid’ en ‘Huis en Haard’." Je kunt merken dat dit niet gewoon een dorp is, maar dat er een verhaal achter zit.

We fietsten langs de vaart, langs de gevangenis en het gevangenismuseum, ondertussen vooral opletten op de ANWB-paddestoelen, die ons de route naar huis vertelden.

Ergens langs deze route, ik meen nog nét in Veenhuizen, stond een kraampje in de tuin van een boerderij. Een marktstalletje, zeg maar. Met houten kratten, en vazen. Bloemen, aardappels en groenten. Jampotje met wisselgeld erbij, en de koopwaar voorzien van een naam- en bijbehorende prijskaartje.

Er lagen ook patissons, courgettes, en groene en savooiekool. Maar we hadden maar een paar euro meegenomen van huis, en werden dus budgettair beperkt in onze keuze. We namen een paar kilo onbespoten en biologisch bemestte aardappelen mee, en een pompoen.

Ik had nog nooit pompoensoep gehad, en was eigenlijk wel nieuwsgierig. Traditioneel gezien misschien meer een herfstgerecht, maar afgelopen zondag vond ik ondanks dat het zomer is, behoorlijk herfstig. En we hadden alles in huis, en de créme fraiche moest toch op. Waarom niet, dus?

Uiteindelijk een lekkere soep gegeten. Bijzonder van smaak, met een beetje zanderige structuur. De scherpte van het pepertje was precies goed. Gebruik ook geen room bij deze soep, maar créme fraiche, om te voorkomen dat het een wel heel rijke soep wordt.

Ingredienten

  • 1 pompoen
  • 125 ml créme fraiche
  • 200 ml melk
  • 200 ml water
  • 1 runderbouillon blokje
  • 1 klein gedroogd pepertje
  • 2 theelepels (gemalen) komijnzaad
  • 1/2e theelepel paprikapoeder
  • 1/2e theelepel gerookt paprikapoeder
  • olijfolie
  • zout

Bereiding
Snij de pompoen in stukken, en verwijder de draden en pitten. Eventuele slechte plekken kun je het beste nu direct wegsnijden. De schil mag blijven zitten. Doe de stukken in een kom, met een flinke scheut olie. Maal met een vijzel het komijnzaad, de paprikapoeder en het pepertje, met wat zout, fijn. Strooi dit over de pompoenstukken en zorg dat de stukken bedekt worden met de olie en de kruiden.

Op een platte ovenschaal, ongeveer 45 minuten in een oven op 200 graden, tot de stukken zacht zijn, met een bruin randje. Laat ze dan even afkoelen, en verwijder de schil, met een scherp mes. Dat zou nu heel makkelijk moeten zijn.

Pompoen in een pan, met het water en de melk. Verkruimel het bouillonblokje en de soep. Aan de kook brengen, en 20 minuten zachtjes laten pruttelen. Pureren met de staafmixer, en op smaak brengen met eventueel wat zout, en créme fraiche naar smaak. 2 - 3 eetlepels is genoeg.



Aug
05
Opgeslagen als hoofdgerecht, oven, recepten 2008, vis door Mark op 5 augustus 2008

Het thema van het eetlog-event is deze maand ‘Strand’, en aangezien ik degene ben geweest die dat thema bedacht heeft, voel ik me natuurlijk wel enigzins verplicht om daar ook iets origineels mee te doen.

Toen ik aan mijn vrouw vertelde wat ik van plan was voor het eetlog-event van deze maand, keek ze me wat vragend aan.

"Als je het zo uitlegt, klinkt het niet echt geweldig…"

"Tja, hoe leg ik dat nu smakelijk uit…"

"Het klinkt wat simpel allemaal."

"Het ís in feite ook simpel, maar wél lekker, hoop ik…"

Een fish-pie noemen ze het in Engeland, en op de BBC komen regelmatig diverse varianten voorbij, in één van de vele kookprogramma’s die dat land (zij wel!) rijk zijn. In essentie: vis op de bodem, al dan niet met een saus, aardappelpuree met kaas en doperwtjes erover, en afbakken in de oven.

OK, ik geef toe, dat klinkt inderdaad niet bijzonder spannend of lekker.

Als de beschrijving niet kan overtuigen, dan moet het gerecht zelf dat maar doen. Met smaak, geur, en in dit geval ook met de ‘looks’! Maar hoe maak ik dit spannend en leuk?

We maken er een strand van!

Een strand bestaat uit 2 delen: zand en zee.

Het zand maakte ik door wat boter in een pannetje te smelten, en het vloeibare vet te mengen met paneermeel. Op die manier krijg je iets dat lijkt op zand, en goed te bakken is in een oven, zonder dat het verbrand.

De zee is eigenlijk ook niet zo moeilijk. Door melk met een stukje visbouillonblokje te verwarmen, krijg je een witte vloeistof met vis-smaak. Daardoorheen gaat een halve tot hele theelepen soya-lecithine. Van Zonnatura in dit geval, gewoon te koop in de supermarkt of biologische winkel. Ik kocht de mijne bij de C1000 in het dorp. De lecithine is een emulgator, die normaal zorgt voor een goede binding tussen vet en water. In dit geval maak ik gebruik van een andere eigenschap: stabilisatie. Ik wil namelijk de melk opschuimen, en ervoor zorgen dat het schuim niet direct waterig wordt. Met een melkopschuimer of klein mixertje van een paar euro, krijg je prachtig schuim. Dat vormt onze zee.

Na een deel van de puree bedekt te hebben met het ‘zand’, en het overgebleven deel voorzien te hebben van schuim, zet uik de schotel op tafel.

De kinderen keken met grote ogen naar wat papa nú weer op tafel zet. Onwillekeurig schoot me een liedje te binnen…

Uiteindelijk hebben we er allemaal met veel smaak van gegeten, en moest mijn vrouw bekennen dat het eindresultaat de omschrijving ver ontsteeg. Gelukkig!

Ingredienten:

  • 1 kilogram aardappelen
  • 750 ml melk
  • 300 gram gemende vis
  • 150 gram gerookte vis
  • 250 gram doperwtjes
  • 1 ui
  • 100 gram boter
  • 50 gram bloem
  • 50 gram geraspte pittige kaas
  • paneermeel
  • 1 theelepel soja-lecithine
  • olijfolie
  • peterselie
  • bieslook
  • peper&zout

1 kilogram aardappelen

Bereiding:

Verwarm de oven voor op 160 graden. Bestrooi de vis met peper en zout. Vet een ovenschaal met wat olijfolie in, en leg de vis hierin. Giet er een halve liter melk bij, zodat de vis onder ‘melk’ staat. Snij de ui in halve ringen, en verdeel over de vis. Zorg dat de ui zoveel mogelijk onder melk staat, anders verbrand het. Zet het 20 minuten in de oven, zodat de vis kan garen en smaak kan afgeven aan de melk.

Schil de aardappelen, was ze en snij ze in ongeveer even grote stukken. In een pan met water en wat zout aan de kook brengen, en in ongeveer 20 - 25 minuten gaar koken. Het kookvocht hiervan hoeft niet bewaard.

Giet de vis af, maar bewaar de melk. Trek met 2 vorken de vis wat uit elkaar, zodat de vis gevarieerd over de bodem is verdeeld. De uien mogen er ook bij blijven.

Pureer de aardappelen, met 25 gram boter, peper, zout, de geraspte kaas, en een deel van de melk waarin de vis gegaard heeft. Hoeveel melk is lastig te zeggen. Het moet in elk geval een smeuige puree worden. Begin met een beetje en voeg gaandeweg toe. Neem vervolgens een lepel of spatel, en roer de doperwten voorzichtig door de puree.

Maak een roux, van 40 gram boter en 40 gram bloem. Leng de vis-melk aan, met gewone melk, tot je weer 500 ml hebt. Voeg bij de roux, en roer tot je een gladde saus hebt. Breng op smaak met peper, zout, peterselie en bieslook. Laat een minuutje of 5 koken, waarbij je regelmatig roert.

in de tussentijd: smelt 25 gram boter in een pannetje. Het hoeft niet bruin te worden; gesmolten is prima. Hala van het vuur af, en roer er het paneermeel door. Het moet een beetje een losse, zandachtige structuur krijgen. Ook hier is de hoeveelheid op gevoel.

Als de bechamelsaus klaar is, verdeel deze over de vis. Spatel hieroverheen de puree met doperwtjes en strijk glad. Zorg dat de puree overal de saus goed bedekt, anders komt deze langs de puree omhoog.

Verdeel over 2/3e tot 3/4 van de puree het zojuist gemaakt ‘zand’. Wat overblijft wordt na het bakken in de oven bedenkt met schuim. Je maakt dus nu het strand, en straks de golven.

Zet in de oven op 180 graden, gedurend 15 á 20 minuten. Let er even op dat het strand niet verbrandt!

Als de schotel bijna klaar is, maak je de ‘zee’: giet 200 ml melk in een pannetje, en los hierin een kwart visbouillon blokje in op. Roer hier een halve tot hele theelepel soya lecithine door. Dit houdt het schuim in stand, als het straks op het strand ligt. Verwarm dit, en laat even een minuutje zachtjes koken.

Gebruik vervolgens een capuccinomelkopschuimer (3 x dubbele woordwaarde…) om er mooi schuim van te maken. Lepel dit schuim vervolgens op het niet door ‘zand’ bedekte deel van de schotel. Serveer direct.