Ik kan niet zeggen dat ik nooit iets win. En nu al helemaal niet, natuurlijk.
Want wat schetst mijn verbazing toen ik van de week mijn GMail opende: een mailtje van eetlog.nl, dat ik de Foodlog-event van juli 2008 had gewonnen! Gestart door bourgondie.nl, en hopelijk met veel navolging.
Goed, nu was het aantal deelnemers dit keer nog niet dusdanig dat het een Epische overwinning mag heten, maar toch: de tegenstanders, en dan met name hun recepten waren van een hoog niveau! En om dan te worden verkozen tot winnaar is natuurlijk ego-strelend. Zeker voor een hobby-koker die pas een jaartje of 2 echt bewust kookt.
Dus nu aan mij de taak om een thema voor de maand augustus te bedenken.
Augustus. Oogstmaand. Bestaat sinds begin van onze jaartelling, en is vernoemd naar Ceasar Augustus. Maar zeker ook zon, zee, vakantie.
Zon, zee, vakantie..
Strand!
Da’s wel wat!
Hierbij benoem ik tot thema van het eetlog event van augustus 2008:"
Strand!
Lijkt me mogelijkheden genoeg te bieden. Een lekkere cocktail. Mooie gebakken visje. Een sandwich misschien.. 
Zelf heb ik al wat ideëen in mijn hoofd, maar nog niets gereed. Maar dat gaat er zeker komen!!
|
Jul
28
|
Het is denk ik wel alom bekend dat kinderen in eerste instantie huiverig zijn voor nieuwe dingen. Neem bijvoorbeeld tekenfilms. Onze kinderen mogen voor het slapen gaan nog heel even tv kijken. Met Studio 100 als hofleverancier voor namen als Bumba, Samson & Gert en Kabouter Plop.
Vraag je hen wat ze willen zien, dan is het een van de bekende dvd’s. Pak je er een waarvan je weet dat ze hem nog niet hebben gezien, dan hoeft dat niet.
"Wat wil je kijken?"
"Nijntje."
"Maar die heb je 86 keer gezien. Wil je Bi-Ba-Boerderij zien?"
"Nee."
"Waarom niet?"
"Die ken ik niet."
"…"
Een discussie die je niet kunt winnen, al was het maar door de ijzeren logica, die een peuter van 3 beheerst. En ach, laten we wel wezen: om nu een inhoudelijk gesprek te beginnen om het ongelijk van haar standpunt aan te tonen is ook weer zo iets. Ongetwijfeld volgt nog voldoende gelegenheid tot discussie, al was het maar dat ze nog gaan puberen…
Het hierboven geschetste denkpatroon zet zich overigens ook gewoon voort op andere vlakken:
"Dat lust ik niet."
"Proef nou maar eerst eens!"
"Maar ik lust het niet!"
"Hoe kun je dat nou zeggen, zonder een hapje gehad te hebben?"
"Ik hoef niet eten!"
"Dan hoef je zeker ook geen toetje?"
Met wat gezonde tegenzin nam de oudste een hapje. Beetje chantage, misschien, maar het spreekwoord ‘all is fair, in love and war’ mag op zich ook wel uitgebreid worden met ‘and feeding your 3 year old child’.
"Mag ik nog wat?"
Kleine succesjes maken het dan toch weer de moeite waard!
Ik maakte een Italiaans stoofpotje (waarbij dank aan Meneer Wateetons voor het recept! het was enorm lekker!). Want ach, het was toch helemaal niet warm gisteren? Mijn schoonmoeder is degene die mij aan het draadjesvlees heeft gekregen. En sinds ik zelf dus ook regelmatig kook, maak ik het graag. Het is ook relatief makkelijk, want het komt niet zo nauw met de timing. Je kunt het dus vantevoren klaar maken, zodat je niet vlak voor het eten nog staat te zweten in de keuken.
Het recept van vandaag komt van de site van het Draadjesvleesgenootschap. Een mooi initiatief, met name voor de slow-food liefhebber. Vele variaties op wat volgens mij een klassiek Hollands gerecht is.
Ik ga het recept hier niet overnemen; ik nodig u uit om zelf een blik op de site te werpen.
Wel nog 1 tip: om het draadjesvlees te maken wordt aanbevolen het vlees enkele uren te laten sudderen op laag vuur. Het kan ook anders: neem een ovenvaste braadpan (bv. gietijzer of email) of ovenschaal en zet het stoofpotje in een oven op 160 graden. Gewoon een uurtje of 2 - 3. Elk half uur even checken en roeren, en zonodig wat water toevoegen. Niet alleen eenvoudiger, maar ook gegarandeerd draadjesvlees, nóg zachter dan op het vuur!
Gezien in het licht van dingen die er echt toe doen, is het natuurlijk peanuts. Mijn broer is een paar weken terug getrouwd. Dat zijn pas dingen die er toe doen! Niet de discussie of je nu de risotto van Lassie moet hebben, of dat je risotto moet maken van Arborio rijst.
Toch kunnen sommige schrijvers daar wel erg gewichtig over doen. Als je hun stukken leest, dan lijkt het haast wel een doodzonde om een pakje te gebruiken, laat staan om een kant en klaar product aan te schaffen. Nu weet ik uit ervaring ook wel dat het verschil tussen een bolognesesaus uit een pakje, en de saus die ik zelf maak levensgroot is, en in het voordeel uitvalt van mijn eigen saus, maar toch. Ik heb nu eenmaal niet elke dag 4 uur de tijd om te koken, en soms moet er gewoon in een half uur een lekker maaltje op tafel staan.
Nu ben ik in de gelukkige positie dat zowel mijn vrouw als ik het leuk vinden om te koken en elkaars kooksels te eten, bekritiseren en soms bewonderen. Ook al lukt het niet elke dag om iets origineels op tafel te zetten; vaak genoeg staat er gewoon hutspot, nasi of een pasta op het menu. Het meer uitgebreide werk is toch iets dat in het weekend zijn beslag moet krijgen. En dan is er uiteraard wel ruimte om eens een experiment uit te voeren, of een nieuw recept te proberen.
Een tijdje terug wilde ik voor mezelf nu wel eens uitvogelen of het verschil tussen Lassie risotto rijst en Arborio risotto nu daadwerkelijk zo groot was, als sommigen beweren. Daarmee was het doel duidelijk. De aanpak was eenvoudig: meet van beide soorten 200 gram rijst af, en bereid ze op identieke wijze. Ik koos daarbij voor de klassieke methode, met kippenbouillon en parmezaanse kaas.
Ik moet bekennen dat ik daarvoor ben teruggevallen op de bouillonblokjes van de Maggi, aangezien ik niet de tijd had om ook nog eens zelf kippenbouillon te trekken! Ik hoop dat u mij dat niet kwalijk neemt… 
Dus: 3 kippenbouillonblokjes met 1,5 liter kokend water. 2 uitjes fijn gesnipperd. Beetje boter en olijfolie in beide pannetjes, en de ui aanfruiten. Dan de rijst erbij. Zoals gezegd 200 gram van elk. Even bakken, en dan een flinke soeplepel bouillon in beide pannen. Goed roeren, tot het vocht is opgenomen door de rijst. En weer bouillon erbij en roeren. Hiermee door blijven gaan, tot de rijst verzadigd is, en de bouillon daarmee bijna op. Duurt ongveer 20 - 25 minuten. Op het eind van de kooktijd nog wat versgemalen peper erdoor, samen met 50 gram parmezaanse kaas.
Beide soorten begeleidden een saltimbocca met sperziebonen.
En dan het moment van de waarheid.
Ik had mijn vrouw niet verteld in welke pan welke soort zat, om op die manier een onbevooroordeelde reactie te krijgen. Aan haar de vraag welke lekkerder was. Intussen nam ik zelf ook een hap, en probeerde een zo objectief mogelijk oordeel te vellen.
De conclusie was verrassend: beide soorten zijn erg lekker, en er zit eigenlijk weinig verschil in smaak en structuur. Dat had ik niet helemaal verwacht, na alle kritieken links en rechts. De Arborio rijst was iets steviger qua structuur, maar ze doen niet echt voor elkaar onder.
Echter, na een kwartiertje gebeurde er iets bijzonders: we namen beide nog een kleine portie risotto, en proefden nogmaals. En toen was er opeens wel een merkbaar verschil.
Een hap Arborio rijst voelde in de mond echt aan als losse korrels, met een zachte buitenkant, en een ‘al dente’ kern. Smeuig, maar toch nog met structuur en bite.
De Lassie rijst verloor de strijd echter genadeloos: weinig structuur, en meer een kleffe, melige hap. De smaak was er wel nog, maar niet het mondgevoel dat zo prettig was bij de Arborio rijst. Helaas voor de Unilever-dochter, maar de volgende keer pak ik toch het ‘echte’ spul.
Uitkomst van deze onpartijdige test kan dus ook enkel dezelfde als de keuze tussen gewone koffie en Senseo koffie: neem het echte spul! Dat is lekkerder, beter, en ook koud nog goed te pruimen! Alhoewel ik ice-coffee eigenlijk schaar in de categroie ‘abonimabel’… 
De verantwoordelijke marketingmanager schijnt momenteel in Ny Alesund vertegenwoordiger van Ola te zijn…
(Maar ik vond het echt goed spul! Glanzend, mooi, en niet alleen zout, maar ook mooie vis-smaak! Maar wie ben ik? Is te koop bij de Lidl, in diverse soorten. Niet te vergelijken met die smurrie van John West..
)
|
Jul
13
|
Althans een email. Met daarin een uitnodiging. Een uitnodiging om mee te doen aan het "Foodlog event". Komt er op neer dat er een thema gekozen wordt, en dat alle deelnemende blogs een stukje schrijven over dat thema. Voor het eerste thema deed Bourgondie.nl de aftrap: picknicken. De enige deelnemer was ook de winnaar, waardoor eetlog.nl de aftrap mocht geven voor het tweede thema.
Het eerste thema is mij ontschoten (druk, druk, druk (*) ), en da’s geen excuus, hooguit een verklaring. Dit keer doe ik wel mee, met als onderwerp "Tour de France".
Nu ben ik geen sportkijker. Ik loop hard. Ik kijk niet hard. Of in elk geval: ik kijk niet naar sport op tv, of live. Zo is het EK van gelopen maand bijna volledig aan me voorbij gegaan, en heb ik die tijd doorgebracht met de broodnodige klusjes aan het huis. Moest ook gebeuren, en ach, er was immers toch niets op tv!
‘Le Tour’ volg ik dan ook niet echt. Ja, in de auto, op de radio, als ik naar huis rij. Dan krijg ik wat mee. En uiteraard snap ik wel een beetje hoe het werkt met al die truien.
En laat nu juist een van die truien de inspiratie vormen voor het gerecht van vandaag. Een eigen creatie dus, geinspireerd op de bolletjestrui. Een wit shirt, met rode stippen.
Vandaar dus: rode, ronde (en witte) ravioli, met een witte room saus. Lekkere vulling erin, en smullen maar!
De pastamachine hadden we al een tijdje in huis, en regelmatig dat we tagliatella, spaghetti of lasagne maken. Maar ravioli of tortelinni had ik nog niet eerder geprobeerd. Mooie gelegenheid dacht ik zo.
Om het deeg rood te maken kun je gebruik maken van rode bietjes, of tomatenpuree. Aangezien ik maar een klein beetje nodig had, heb ik de tomatenvariant gemaakt. Gewoon 1 ei weglaten, en in plaats daarvan een blikje geconcentreerde tomatenpuree. Geeft een mooie rode kleur. Ik denk dat bietensap nog roder is, maar ja, riemen en roeien, he…
Als vulling van de rode ravioli een vrij klassieke variant, die eigenlijk niet stuk kan: tomaat, ham, baslicum en kaas.
De witte variant is geinspireerd op mijn witte lasagna. Met spinazie, walnoot en pancetta derhalve. Het geheel serveren met een witte saus maakt het af.
Ingredienten:
Pasta:
35 gram zeer fijn gemalen bietjes of 1 blikje tomatenpuree
1 ei
75 gram semolina
125 gram suprima
2 eieren
75 gram semolina
125 gram suprima
Vulling 1:
1 blik tomaten(-blokjes)
50 gr parmaham of een lekkere droge ham
100 gr mozarella, in stukjes
1/2 uitje
handje gesneden, verse basilicum
1 teentje knoflook
peper&zout
Vulling 2:
75 gr bacon in heel kleine blokjes
150 gr (diepvries-)spinazie
30 gr walnoten, klein gemaakt
75 gr ricotta of eventueel 75 gram feta, verkruimeld
1/2 uitje
1 teentje knoflook
droge basilicum
peper&zout
Saus:
250 ml melk
150 ml room
20 gr boter
20 gram bloem
1 a 2 teentjes knoflook
50 gr geraspte kaas
droge basilicum
wat peterselie
peper en zout
Bereiding:
Vulling 1:
Doe wat olijfolie in een pan. Uitjes erbij, en gesnipperde knoflook. Even aanfruiten. Snij intussen de ham in kleine stukjes. Die kan er dan ook bij. Als dat mooi van kleur is, de tomaat erbij. Er zit waarschijnlijk ook wat sap bij de tomaat; dat mag er ook bij. Laat het geheel even 10 minuten of een kwartiertje koken, tot het vocht verdampt is. Scheur dan de mozarella in stukken en voeg toe. Laten smelten. Op het eind op smaak brengen met zout, peper, en een handje verse basilicum. Laten afkoelen.
Vulling 2:
Doe de gesneden bacon in een pan. Eventueel wat olijfolie erbij, als het erg mager is. Dan het uitje en de knoflook erbij. Even aanfruiten. Dan de spinazie erbij en de noten. Tenslotte de kaas. Op smaak brengen met zout, peper, basilicum en petersiele. Ook dit laten afkoelen.
Pasta
De pasta maken, zoals je verse pasta maakt: ingredienten in een kom mengen, goed kneden, en in cellofaanfolie minimaal een half uurtje laten rusten in de koelkast (zodat het vocht er goed in kan trekken). Dan met de pasta machine lasagnevellen van maken. Ik heb zelf standje 7 gebruikt, maar standje 6 zou ook nog kunnen.
Leg een vel pasta op je werkblad. Vouw het dubbel, en markeer even het midden. Vouw dan weer open. Maak een helft nat, met een kwastje water. Druk dan voorzichtig met bijvoorbeeld een glas ringen in de pasta. Niet doordrukken, maar gewoon een cirkel in het deeg achterlaten. Dan weet je ongeveer waar je vulling moet leggen. Schep dan een theelepel vulling op de pasta in de ringen. Als alle ringen vulling hebben, leg de andere helft er weer overheen.
Druk de ravioli dicht, en probeer zoveel mogelijk lucht erin te vermijden. Druk de randen goed aan, en ’snij’ met het glas de ravioli uit het deeg. Leg ze op een met bloem bestoven doek.
Saus:
Smelt de boter in een pan, en voeg de bloem toe. Goed roeren met een garde. Melk en room toevoegen, en goed roeren zodat je geen klontjes hebt. Knoflook erdoor, en de kaas. Op smaak brengen met wat peper, zout, en de basilcium en peterselie. De saus hoeft niet sterk te smaken; de meeste smaak zit immers al in de pasta. De saus is meer ter aanvulling, dan als smaakmaker bedoelt.
Breng een grote(!) pan met water aan de kook. De pasta is vers, de vulling al gaar, dus het hoeft maar een minuut of 4 te koken.
Leg een paar ravioli op een bord, en schep er een beetje saus over. Zet Radio Tour de France op. Smullen maar!
(*) "Als je tijd hebt om drie keer druk te schrijven, ben je niet druk genoeg!"
Goed anderhalve maand duurde het. Best lang, in blog-land. 6 weken bijna, tussen 2 postings. Maar goed, een nieuwe baan, nieuwe opdracht, broer getrouwd (met alle voorbereidingen van dien) en ondertussen lekker weer, veel geklust en weinig inspiratie, en zie daar: een stenopauze…
Heb ik dan helemaal niets gedaan? Nee, natuurlijk niet! De afgelopen weken diverse malen lekker gekookt. Gisteren nog: verse lasagne, met spinazie, spek, ricotta en walnoten! En lekker dat het was! Asperges gegeten. Maar ook pizza en een lekker stukje vlees ontbraken niet. Veel ervan was echter een herhaling van zetten, en niet zozeer een nieuw recept. Wel nieuw was een recept voor een soort Thaise schotel, met kokosmelk, kip, groente en hardgekookt ei. Maar dat vond ik dan weer niet bijzonder genoeg om hier te posten. Het gerecht viel me namelijk wat tegen. Dus daar moet ik eerst even mee aan de slag.
In de afgelopen weken heb ik wel een mooie test kunnen uitvoeren: Lassie risotto of riso arborio risotto? De uitkomst zal u wellicht verrassen, en zal ik in de loop van de komende dagen plaatsen.
Verder nog een opmerkelijk ingredient gevonden, waarvan de naam de kwaliteit niet recht doet. Ook hier kom ik op terug.
En: binnenkort weer een "de week van…" reeks. Dit keer over brood! Want niet alleen werd er veel gekookt, er werd minstens zo veel gebakken! En ook daar liep ik tegen wat dingen aan, die ik graag met u als lezer wil delen.
Dus ja, het was wel stil, maar toch ook weer niet. Ik hoop dat ik u niet helemaal heb vervreemd, en dat u de komende tijd toch nog eens komt kijken naar de laatste schrijfsels….
Tot snel!